Tijdens een onweer konden geestelijken de wind doen draaien. Ze konden de wormen en slakken ook op het veld in slaap doen vallen, zodat ze de tabak niet konden opeten.
Op een boerderij waar men geen boter meer kon karnen en waar de koeien stierven…
Op een avond zag een man een vreemd lichtje dat de hele tijd aan en uit ging. Even later realiseerde de man zich dat hij het licht zag, dat door het raampje van de molen scheen. Omdat de wieken telkens vóór het raampje draaiden, leek het alsof het…
In Elsegem stond vroeger een molen. Wanneer het verschrikkelijke stormde, hield Lange Jeanne de wieken van die molen vast, zodat ze niet draaiden. Wanneer het windstil was, blies Lange Jeanne zo hard dat de molen op zijn grondvesten daverde.
In Heurne-Sint-Pieter was een jongen behekst. De heks had ook de dieren in de stal in haar macht, want de koeien draaiden soms heel vreemd met hun ogen. De ouders van de jongen lieten een blinde waarzegger komen, die ze op een kruiwagen naar hun…
Op een boerderij in Oostvleteren spookte het. Men hoorde er vaak een windmolen of een spinnewiel draaien, hoewel er niemand te zien was. Het botervat begon te draaien en vloog in de lucht, om even later weer op de grond te vallen. Met zes mannen…
Een boerderij was door een blikseminslag in brand gevlogen. De onderpastoor kwam naar de boerderij en deed de wind draaien om te verhinderen dat het gebouw zou afbranden.
Toen in Opgrimbie enkele huizen in brand stonden, begon de pastoor in zijn boek te lezen. Even later draaide de wind, zodat de andere huizen gespaard bleven.
Op boerderij Dee in de Biezen spookte het. De molen draaide er vanzelf en in de paardenstal was een plank van wel honderd jaar oud aan de balk gebonden. Op de plank lag een steen op het touw waarmee de plank was vastgebonden. Nochtans zou niemand het…
Een vrouw die altijd hoofdpijn had, kon niet door de dokter worden geholpen. In de kelder van de vrouw hing een stank van petroleum. Men kon ook altijd een dorsmolen in de kelder horen draaien, alsof er allemaal duivels aan het werk waren. De vrouw…
Om te weten of een Ijslandvaarder nog zou terugkeren, bond de pastoor de trouwring van de echtgenote in een kerkboek. Als de trouwring tijdens het lezen vanzelf draaide, dan zou de Ijslandvaarder niet meer terugkeren.
Een jonge moeder kreeg bezoek van een heks, die zei: "Je moet het kind op zijn zijde leggen, want anders gaat het scheel kijken". Daarop legde de moeder het kind snel op zijn zijde. Nog geen minuut later keek het kind al scheel.
Op een boerderij verbleven tijdens de eerste wereldoorlog soldaten die in de schuur sliepen. Toen op een ochtend in de schuur brand was uitgebroken, ging men snel de pastoor halen. De geestelijke kwam aangelopen en vroeg de schapulier van de boer om…
Een man ging met zijn paard van Overpelt naar Sint-Huibrechts-Lille om er een kar zand te halen. Toen het paard onderweg plots bleef stilstaan, laadde de man tevergeefs de vracht van de kar. De heks Trien, die in een nabijgelegen huis woonde, kwam…
Op een boerderij in Oostvleteren hoorde men altijd windmolens draaien. De mannen die er woonden, werden bij hun baard vastgegrepen en tot tegen het plafond gegooid.
Men kon zijn bloeddruk meten door een gouden ring aan een draadje te hangen en de ring boven een lintmeter te bewegen. Op de plaats waar de ring ophield met draaien, kon men het cijfer van zijn bloeddruk aflezen.
Sommige geestelijken konden heksen en tovenaars van hun macht beroven door hun toverboeken af te nemen.
Geestelijken konden de wind ook doen draaien.
Toen in Bikschote een huis in brand stond, en de koeienstal al was afgebrand met drie dieren…
Tijdens de winter hoorde men in een haverschuur tot kwart over twaalf 's nachts graan dorsen. De windmolen draaide bovendien vanzelf. Er was niemand te zien en 's ochtends was er in de schuur niets vreemds te bespeuren.
De onderpastoor van Zonnebeke kon de wind doen draaien wanneer er ergens brand was uitgebroken. Hij kon ook gestolen goederen doen terugkeren naar de eigenaar, maar enkel wanneer ze nog in eerste hand waren.
In Harelbeke stond een tweegezinswoning in brand. De vrouw die er woonde, probeerde zoveel mogelijk van de meubels te redden. Even later kwam de pastoor aangelopen met de woorden: "Jullie hoeven niet te blussen. Wat brandt, zal blijven branden en de…
Een molenaar die tussen Watou en Proven woonde, had beloofd dat hij zoveel goudstukken zou geven als dat er graantjes waren in een vat van vijftig kilogram. Omdat dat onmogelijk was, draaide de molen iedere nacht.
Achter het Casino stond een klein huisje waarin de heks 'zatte Katherien' woonde. Aan de buitenkant van één van de muren, was een klein metalen haakje. Men tergde de heks vaak door aan het haakje te draaien, zodat alle potten en pannen van de…