Vroeger hielden de mensen een geitenbok in hun stal. Als er toverij was, dan viel al het kwaad op die geitenbok. Op een boerderij in Esen had men veel ongeluk met de dieren. Toen die mensen een geitenbok kochten, was het plots gedaan met de ellende.
Wie zijn ziel aan de duivel wilde verkopen, moest met een zwarte hen op een kruispunt gaan staan. De duivel zou dan langskomen en vragen: "Is die hen te koop?" Wanneer men op deze vraag "ja" antwoordde, zou de duivel vragen: "Is daar nog meer te…
Een meid die haar baas ervan verdacht een bokkerijder te zijn, had stiekem een vergadering van de rovers afgeluisterd. De bokkenrijders gingen om met de duivel en zeiden telkens: "Juh bok, rijd over heggen en hagen tot in de wijnkelder van Keulen!" …
De bokkenrijders gingen allemaal met de duivel om. De rovers hadden een bok waarmee ze de mensen soms plaagden. Wanneer ze zeiden "Erop!", dan moesten de mensen meerijden. De mensen werden dan ergens achtergelaten en moesten zelf maar zorgen dat…
Wie bokkerijder wilde worden, moest op een houten bok gaan zitten, die heen en weer slingerde tot men op de grond viel. Men moest ook z'n geloof afzweren en een kruisbeeld vertrappelen. Nieuwe leden van de bokkenrijders kregen een liter jenever als…
In Kessenich waren veel roversbendes, waarvan de bokkenrijders de ergste waren. De mensen geloofden dat de duivel de bokkenrijders hielp en hen in de gedaante van een bok door de lucht voerde.
De bokkenrijders waren slechte mensen die zich voordeden als brave burgers. Ze konden zich zo snel verplaatsen dat de mensen dachten dat ze op een bok door de lucht vlogen.
Op een boerderij in Snaaskerke werkten twee knechten, van wie er één een Duitse schaper was. Op een dag ging de andere knecht mee met de Duitse schaper om vroeg thuis te zijn. De Duitse schaper nam de knecht mee achter de schuur en begon in zijn…
bokkenrijders hadden allemaal een zwarte bok. Wie lid wilde worden van de bokkenrijders, moest eerst in de kerk te communie gaan en daarna de hostie in een zakdoek uitspuwen. Pas wanneer men de hostie naar de zwarte bok had gebracht, was men lid van…
In een herberg spookte het. Het botervat met karnemelk werd er omgedraaid en men hoorde er altijd vreemde geluiden. Mensen die hun geit wilden laten dekken en voorbij dat café waren gekomen, hadden altijd ongeluk, want de geit zou nooit een lam…
De bokkenrijders van de Bolleberg verplaatsten zich 's nachts vliegensvlug op een behekste bok. De rovers waren gemaskerd en hadden zichzelf zwart geverfd. De rovers vergaderden vaak bij Lambertbemke. Wanneer men de dreigbrieven van de…
Een ijverige man die geen kinderen had, moest hard werken om rond te komen. Zijn luie broer die zeven kinderen had, werkte helemaal niet. Toen de man op een dag zijn beklag deed bij zijn broer, sprak die: "Waarom doe je niet hetzelfde als ik? Ik…
Duivel smakt hondenkar tegen een boom; lijkt op mens, maar met paardepoot; gekleed in zwart pak met bolhoed; lijkt op bok; smijt vloekers heen en weer.
Een oud mannetje stond bekend als weerwolf. Een weerwolf is een mens met de gedaante van een wolf met vurige ogen.
Weerwolven springen ook op iemand zijn rug, maar in dit geval was dat een aanhalige bok.