Een predikant stond verbaasd toen een jong meisje vuile taal uitsloeg. Toen hij haar vroeg waar ze vandaan kwam, antwoordde ze: "Ik ben eerst mijn vader ontsproten en daarna mijn moeder ontkropen."
Een predikant die ontevreden was over zijn afzetting, zei dat dit nog wel honderd mensen het leven zou kosten. Hij legde uit dat hij dokter wilde worden, wat tenminste honderd mensen het leven zou kosten eer hij het onder de knie had.
Tijdens een bruiloft zei de predikant dat de man zijn hele leven zijn vrouw zou aanhangen. Van Overbeke zei toen tegen de predikant dat dat aanhangen de vrouw niet zou aanstaan.
Een predikant was van groot aanzien maar in zijnhart een guit. Op een bruiloft prees hij Van Overbeke en zei hem dat hij geen eerlijker man in de wereld kende dan hem. Van Overbeke antwoorde: "Ik geloof het, als u alle harten na het uwe rekent."
Een arme vrouw had haar zoon aan het werk gezet in een winkel, maar haalde hem na korte tijd weer weg. Uitleg: de jongen was te bot tegen de klanten, dus ze heben er een predikant van gemaakt.
Een katholiek kwam in de gereformeerde kerk en gaf commentaar op de predikant. Die werd woedend en begon te schelden, waarop de man zei: "Jaja, als je die kunst kent zal je er wel komen."
Een predikant vroeg Tobias de koppelaar [=bordeelhouder] waarom hij hem zijn winsten misgunt. Wat Tobias openlijk doet, doet de predikant immers onder het kruis.
Een predikant zei toen hij eens openbaar sprak dat niemand de predikanten tegen mochten spreken. Zij verkondigden namelijk Gods woord en werden engelen des Heeren genoemd. Een van de regenten zei toen, dat als de predikanten engelen zijn, zij goden…
Een verklaring van de spotnaam Buitendijker die wordt gebruikt voor de bewoners van Ierseke die afwijken van 't gewone...verder nog enkele spotnamen met religieuse oorsprong.
Een vriend van Kool, de graanhandelaar Smallegange, kwam in hetzelfde jaar om, doordat zijn paard op hol sloeg en de sjees tegen de stoep van Smallegange's huis botste. Tijdens de begrafenis hoorde men gestommel in de kist.
Een dominee wordt door zijn dorpsgenoten gezien als een vrijmetselaar, die de duivel de nek zal breken, hetgeen bevestigd wordt als hij op 'n dag uit zijn rijtuig wordt geslingerd en op slag dood is.
Bij drie dominées in een coupé stappen drie dames in. Eén van de dames groet hen met: “Dag, collega's.” Als één van de dominées vraagt of ze ook predikanten zijn, antwoordt de vrouw dat ze de kost ook met lullen verdienen.
In een trein zitten veekooplui elkaar vieze grappen te vertellen, totdat de dominee, die ook in de coupé zit zich ermee bemoeit en ze tot inkeer wil brengen. Een van hen vraagt of de dominee in dromen gelooft en vertelt dan zijn droom: hij droomde…
Onderweg met een ouderling neemt een dominee in een moeilijke gemeente zijn hoed af voor een wrijfpaal voor het vee. Als de ouderling naar de reden vraagt antwoordt de dominee dat het een broer van hem is.
Op de boot in Leiden kwamen een man en vrouw in gesprek. De man zei dat hij al tien jaar niet in de kerk was geweest, waarop de vrouw erg kwaad werd. De schippersknecht zei toen dat het erger kon, een zeventigjarige man kon het onzevader niet…
Een priester was op een zondag met de boeren aan het schermen, in plaats van in de kerk te preken. Een heer die langs kwam riep hem bij zich om hem te bestraffen. De priester zei dat hij al zo lang zonder succes de boeren probeerde de goede leer in…
In Weesp zat een man gevangen die waarschijnlijk ter dood veroordeeld zou worden, maar de heren namen het erg serieus en gingen eerst naar Amsterdam om advies te halen bij de advocaten. Die adviseerde hen om de man te laten gaan. Toen ze terug kwamen…
Een jonge dominee had een preek ingestudeerd die hij in een aantal verschillende dorpen gebruikte. De boeren kregen dit in de gaten en volgden de dominee naar Boskoop. Daar zag hij ze in het publiek zitten en zei meteen dat hij vorige zondag in…
Melanchthon verbaasde zich over het feit dat een slechte predikant zoveel kinderen had. De predikant zei dat de slechtste timmerlui de meeste spaanders maakten.
Tijdens een vergadering in Utrecht krijgt een predikant van een ouderling een oorvijg. Na afloop van de vergadering zegt de predikant: het was raak, maar het was wel een misslag.