De alvermannetjes leefden in moerassige gebieden. Die dwergjes kwamen de was doen bij de mensen in ruil voor enkele spekkoeken. Op een nacht ging een nieuwsgierige man de alvermannetjes van op zijn zolder bespieden. "Zeg", sprak één van de…
In Hamont hebben de pastoors een spook verbannen voor negenennegentig en een half jaar. De geestelijken hebben een schepje grond van de plaats waar het spook ronddwaalde naar het eigendom van de overledenen gebracht. Dat eigendom was een moerassige…
Veel mensen beweerden dat een doodkaars een licht was dat ontstond uit de dampen die opstegen uit de moerassen. Oudere mensen geloofden dat doodkaarsen verschenen op plaatsen waar geld verborgen lag.
Boven moerassen en boven het water verschenen soms dwaallichtjes die op en neer bewogen. In de weide verschenen soms ook dergelijke lichtjes. Dat waren spoken.
Op een winteravond werd een man door een dwaallichtje naar een moeras geleid, waarin hij bijna verdronk. Sommigen geloofden dat dwaallichtjes de zieltjes van ongedoopte kinderen waren, maar ze zouden ook iets met de duivel kunnen te maken hebben.
Vroeger moesten de kinderen op donderdagnamiddag niet naar school. Een jongen wiens moeder op donderdag moest werken, kreeg altijd te horen: “Loop niet op straat, want er zijn mensen die met een koets rondkomen, waarin een kuip staat om de kinderen…
Vroeger was er in Glabbeek een moeras dat grensde aan Niel. Op een avond zagen enkele mensen in de buurt van het moeras een vuurman. Eén van hen floot naar de vuurman en haastte zich dan snel naar binnen. Onmiddellijk kwam de vuurman aangevlogen. …
Langs de weg van Mechelen naar Batsheers lag een moeras dat 'het Doelveld' werd genoemd. Vroeger stond daar een klooster van de Tempeliers. Omdat die monniken veel wijn dronken en een immoreel leven leidden, is het klooster in de grond gezakt. …
Enkele mensen kwamen in het bos dansende lichtjes tegen. Die lichtjes waren glimwormpjes, maar de mensen geloofden dat het dwaallichtjes waren. De lichtjes waarschuwden de mensen dat ze bij een moeras kwamen.
Een gestorven vrouw lag al drie dagen in haar doodskist in de Maten. Hoewel de Maten bij Diepenbeek hoorden, bracht een voorbijganger de kist op zijn kruiwagen naar Genk. Het stadsbestuur van Genk heeft daarna de Maten ingepalmd.
In het moeras van Zoutleeuw is de kerk van Oud-Leef verzonken. Vroeger hoorde men er op kerstnacht de klokken luiden. Op een dag heeft men het Mariabeeld van de Ossenweg opgegraven in een naburig veld.
Een vrouw die boter naar Hasselt ging brengen, zag in een moerassig gebied een dwaallichtje uit de gracht komen. Dwaallichtjes verschenen vooral in de buurt van kerkhoven, omdat daar fosfor uit de grond opsteeg.
Osschaart zou begraven zijn bij een water in de buurt van de moerassen in 't Veldeken in Eede. Die plaats werd 'Osschaerts Kiste' genoemd. In dat water stonden houten balken.
Een Kempenaar was aan het jagen, toen hij plots een vreemde man met een koffer in de hand zag aankomen. De vreemde vroeg: "Weet jij geen plaats waar ik mij kan verstoppen, want de Fransen zitten achter mij aan, en ze zullen mij zeker doodschieten!" …