Boer stuurt knecht naar pastoor om raad voor onverklaarbare zaken die gebeuren, zoals omvallen van potten bier, vee dat losgemaakt wordt. Tijdens de rit rijdt er een rijtuig over het hoofd van de knecht, de reis duurt veel langer, en de pastoor is…
Een schipper, wiens schip vergaat, spoelt aan op het strand, waar een hond hem wil helpen en aanbiedt zijn schip te betalen en dan ook mee wil varen. Hij voorspelt het weer: 3 stormen; en dan komen ze bij het kasteel van zijn vader, waar de schipper…
Een jongeman is een weerwolf. Wanneer hij wandelt met zijn meisje, voelt hij aankomen dat hij zal veranderen. Hij stuurt haar verder en waarschuwt haar voor een grote hond. Zij moet hem zijn zakdoek toewerpen, dan kan het meisje vluchten. Later zien…
Bij een jonge boer gingen de kalveren altijd dood. Hij werd door zijn tante gewaarschuwd dat de kwade hand in de stal zou kunnen zijn. Hij zag inderdaad een vreemde zwarte kat lopen en toen is hij naar een man gegaan die hem van de kwade hand af kon…
In Helmond was een vrouw door de kwade hand geraakt. Ze werd maar niet beter. Pas toen de pastoor zei dat haar man een emmer water naar buiten moest gooien, zagen ze de buurvrouw wegrennen. Vanaf toen is de vrouw beter geworden.
Jan Hurkmans uit Bergeik kwam op een nacht een spook tegen. Het had de gedaante van een ijselijk monster en was zo groot als een paard, maar zonder kop en poten. Jan was heel erg geschrokken durfde voor zeven jaar niet meer langs die plek te lopen.
Nadat een vrouw een kind heeft gedragen begint het te huilen en houdt niet op. Moeder denkt dat het kind door de kwade hand bezocht is, maar de pastoor gelooft dat niet. De volgende dag komt hij langs, vraagt of hij even alleen bij het kind mag zijn,…
Meisje wordt ziek door tovenaar; in kussen zit een krans; pas na wijden van huis door pastoor wordt kind beter; volgende dag pad onder bedstee; veters van marskramer vormen kransen in dekens.
Een weerwolf vernielt alles en als bij iemand alles in stukken ligt wordt gezegd dat de weerwolf huisgehouden heeft. Hij is de handlanger van de kwade.
Een man gaat de vroedvrouw ophalen uit Surhuisterveen en ziet onderweg een kerel bij het kerkhof staan die hij vriendelijk groet. Op de terugweg staat hij er nog en uit angst is de vroedvrouw die nacht bij hen thuis gebleven.
Wibe Alma uit Jachtveld komt uit de kroeg en ziet bij zijn huis een vrouw bij de deur zitten. Hij denkt dat het Griet is, maar het is de kwade en de deuren worden vanzelf voor hem geopend.