Een soldaat die in Nederland verbleef, mocht voor een tijdje naar huis komen. Onderweg werd de man geplaagd door een weerwolf, die hem niet over de brug wilde laten gaan. Daarop nam de man zijn mes en stak de weerwolf in de kop op de plaats waar…
Enkele mannen stonden op het Krijt naar een vuurman te kijken, die achter Terlocht ronddwaalde. De mannen staken een mes in de grond, floten naar de vuurman en haastten zich dan naar binnen. De vuurman kwam in snelle vaart dichterbij en verbrandde…
Een man die 's avonds altijd werd besprongen door een weerwolf, kreeg van een oude man de raad om een mes mee te nemen. Toen de man erin slaagde de weerwolf te laten bloeden, veranderde het beest in een goede vriend van hem. Op een dag sprak de man…
Toen de rovers van de bende van Bakelandt onthoofd werden, wilden ze allemaal met hun gezicht naar beneden op de guillotine liggen. Bendeleider Bakelandt wilde het mes echter zien en ging met zijn gezicht naar boven liggen.
Een vrouw werd 's nachts altijd geplaagd door een toveres die op haar kwam liggen. Om dat te voorkomen moest men een schoen omgekeerd onder zijn bed zetten. Anderen beweerden dat men een mes op zijn borst moest leggen omdat de maar zich dan verwondde…
Wanneer men een weerwolf die zich liet dragen, kon laten bloeden, dan veranderde hij in een mens en dan kon men hem herkennen. Weerwolven kon men echter alleen snijden met een mes dat vooraf door de grond of door bruin brood had gesneden.
Bij de schans (1) in Boekt liep altijd een grote vieze hond rond. Op een avond werd een man op zijn fiets aangevallen door het dier. De man haalde zijn mes boven en stak de hond. Later bleek dat die hond een tovenaar uit de buurt was.
Wie door de maar werd bereden, moest een mes of een schaar op zijn buik leggen. De schuldige zou dan een snijwonde hebben. Een man die dat had gedaan, stelde de volgende dag vast dat een vrouw uit de buurt met haar hand in een doek rondliep.
Iedereen wist dat Trien B. een heks was. Ze was immers altijd in de buurt wanneer er ergens iets ergs gebeurde. Op een dag was de vrouw van de herbergier zo ziek dat de pastoor haar reeds de Laatste Sacramenten had toegediend. Haar man, die nog…
De veldwachter van Molenbeersel had al enkele avonden een weerwolf moeten dragen. Omdat de man dat stilaan beu werd, besloot hij de volgende avond een mes mee te nemen. Toen de veldwachter de weerwolf had gesneden, veranderde het beest in een mens:…
Een boer hoorde 's avonds altijd iemand zingen voor de deur. Op een avond gooide de geërgerde boer een kapmes naar de geest. De volgende ochtend zag men een arm met een mooie gouden ring aan de vinger voor de deur liggen.
Wanneer men te veel had gegeten, kon men soms door de maar worden bereden. Om dat te voorkomen, moest men 's nachts een mes op zijn borst leggen. Mensen die dat deden, werden niet door de maar bereden, maar wel door het mes gekwetst.
Twee mannen waren met een kar hout op weg tussen Bessemer en Lanaken, toen ze in de verte plots de vuurman zagen. Eén van de mannen floot naar de vuurman, die ogenblikkelijk bij hen stond. De vuurman brandde het smeer van de karrenwiel en…
Een moeder had pap gekookt voor haar kindje. Toen de pap op de grond stond af te koelen, kwam er een kat aan likken. Daarop gooide de moeder een houten mes naar de kat, waardoor het dier een poot kwijtraakte. De volgende dag lag de buurvrouw van de…
De knecht van boer Nollekes vertelde 's ochtends aan de boerin dat hij 's nachts niet kon slapen; de jongen werd haast doodgemarteld en hij had het gevoel alsof er iets zwaars op hem lag. Daarop sprak de boerin: "Dat is de maar. Je moet 's nachts…
Enkele mannen die terugkwamen van Halen, zagen in een eikendreef een mooi katje. Louis sloeg het katje weg met een stok. Het katje schreeuwde niet en wat verderop liep het weer achter de mannen aan. Een andere man probeerde het katje met een mes…
Vroeger werden veel mensen geplaagd door de maar. Op een dag had men een mesje in een zakdoek gebonden. Even later lag het mesje bovenop de zakdoek. Dat was de maar geweest.
Wie naar de vuurman had gefloten, werd door hem achtervolgd. Als je dan niet kon vluchten, werd je helemaal verbrand. Wat je ook kon doen, was een mes met een houten lemmet in de grond steken. De vuurman zou dan niet verder kunnen vooraleer hij…
Bij een gezin in Brussegem kwam iemand voor de grap voor spook spelen. De grapjas plaagde de mensen door as tegen de rolluiken te gooien. De vrouw des huizes liep met een mes achter het spook aan.
Een man die in de molen werkte, kwam altijd langs een klein weggetje bij de Jeker. Omdat er een weerwolf door dat weggetje dwaalde, gingen de zussen van de man op een dag met hun broer mee. Hoewel ze een mes bij zich hadden, gingen de vrouwen lopen…
Een man kwam samen met een meisje terug van de kermis. Bij het kapelletje van Roksem kwam er een oud vrouwtje uit het roggeveld. Dat vrouwtje verkocht borstels om potten te reinigen. Het vrouwtje liep voorbij en verdween aan de andere kant weer in…
Tussen Bocholt en Reppel moest een man altijd de weerwolf dragen. Op een dag slaagde de man er echter in de weerwolf te verwonden. Sindsdien heeft hij nooit nog een weerwolf moeten dragen. Toen de man ontdekte dat hij zijn horloge was kwijtgeraakt…