In Hondschote zouden vierendertig heksen hebben gewoond. Tijdens de zegening zou de pastoor in de kerk de heksen met hun rug naar het altaar zien zitten.
Als men achteraan in de kerk door een trouwring keek, dan kon men de heksen met hun rug naar het altaar zien zitten. Een trouwring was immers gewijd. Men moest dan wel maken dat men wegkwam, want anders zou men ervan langs krijgen.
De bokkenrijders verbleven in een kasteeltje. Wanneer de rovers er op uit trokken, besloegen ze hun paarden achterstevoren. Als de bokkenrijders iets propers kwamen lenen, brachten ze dat vuil terug. Als ze iets vuils kwamen lenen, brachten ze dat…
Men moest zijn schoenen of klompen altijd met de hielen naar het bed gericht zetten. Anders kon men 's nachts door de maar worden bereden.
Een man die door de maar werd bereden, had het gevoel dat er een ketting op zijn hart viel. Men kon alleen…
Wie door de maar werd bereden, voelde overal haar en had het gevoel alsof zijn keel werd dichtgeknepen. Om zichzelf tegen de maar te beschermen, moest men zijn klompen omgekeerd onder het bed zetten en met de armen gekruist slapen.
Sommige mensen…
Wie tijdens de consecratie achteromkeek, kon mensen die de kwade hand hadden of die met de duivel omgingen, met hun rug naar het tabernakel zien zitten.
De bende van Bakelandt vertoefde in de bossen en trok 's avonds naar Staden en Rozebeke. Een burgemeester werd door de bende verrast en met zijn benen omhoog in de schoorsteen gehangen. Bendeleider Bakelandt was meestal gekleed als een heer en hij…
In het huis van een kantonnier spookte het. Toen de man op een dag thuiskwam, stelde hij vast dat alle schilderijen ondersteboven aan de muur hingen. De man deed zijn beklaag bij zijn zus, die in het huis was komen poetsen. Op zijn weg naar huis werd…
De maar leek op een pak wol dat zijn slachtoffer vasthield. Wie zich tegen de maar wilde beschermen, moest zijn pantoffels omgekeerd naast zijn bed zetten.
Op oudejaarsavond gingen vier of vijf mensen naar Bellegem om een fles jenever te halen. Niemand durfde alleen te gaan omdat er onderweg ergens een doodkeers zat. Onderweg zag het gezelschap de doodkeers. Een dappere man ging naar het kerkhof,…
Wanneer men vooraan in de kerk stond en door zijn trouwring naar de mensen keek, dan kon men de heksen in de kerk met hun rug naar het altaar zien zitten.
Een man had in Maastricht een tovenaar ontmoet, die ratten kon verjagen. Toen de man 's avonds begon te lezen in het toverboek dat hij van de tovenaar had gekregen, zat zijn bed plots vol ratten. De man had het verkeerd gedaan.
Wie door de mare werd bereden, kon niets meer zeggen en ook niet opstaan. Een man uit Kotem, die last had van de mare, vroeg aan zijn broer die pater was: "Wat moet ik doen om van de mare verlost te worden? Men vertelt dat ik mijn klompen omgekeerd…
Wanneer de pastoors het evangelie lazen, zaten de heksen in de kerk met hun rug naar het altaar. Sinds men aan het einde van de mis het Sint-Jansevangelie leest, is er niet meer zoveel kwaad.
Een knecht zette zijn klompen omgekeerd naast het bed (met de hielen naar het bed gericht) opdat hij 's nachts niet door toveressen zou worden geplaagd.
In een stal in Tiegem had een man zich opgehangen. Sindsdien stierven alle dieren die in die stal werden gezet. De boer liet de onderpastoor van Tiegem komen om de stal te overlezen. De geestelijke sprak: "Als je nu nog eens een dier in die stal…
Omdat een heks niet kon sterven, liet men de pastoor komen om de vrouw te overlezen. De heks heeft dan zo gewoeld dat ze helemaal omgekeerd lag met haar hoofd aan het voeteneinde van het bed.
Een heks had de echtgenoot van haar zus betoverd. Men heeft de pastoor moeten laten komen om de man te overlezen. Als men een borstel omgekeerd voor de deur zette, dan konden de heksen niet binnenkomen.
Mensen die 's nachts door de maar werden bereden, hadden het gevoel dat de dood bij hen was langsgekomen. Om zichzelf tegen de maar te beschermen, moest men zijn schoenen omgekeerd naast het bed zetten.
Een man die met een kar rapen naar huis reed, had de hele weg tegenslag. De kar kantelde namelijk verschillende keren om, waardoor de man de rapen telkens opnieuw in de kar moest laden. Toen de man thuiskwam, lag er niets meer in de kar. Op de koop…
Wie door de maar werd bereden, kon haast niet meer ademen. Om zichzelf tegen de maar te beschermen, moest men zijn klompen omgekeerd onder het bed zetten.
Wie 's nachts door de maar werd bereden, had het gevoel dat er iemand op hem zat, die hem probeerde te wurgen. Vreemd genoeg was er echter niemand te zien.
Wie zichzelf tegen de maar wilde beschermen, moest zijn pantoffels of klompen omgekeerd…