Een man uit Piringen werd in 'Sha-bos' gevolgd door een grote hond die maar niet wilde weggaan. Zodra de man uit het bos kwam, was de hond verdwenen. De man geloofde steevast dat de hond een weerwolf was geweest.
Toen Nander op een nacht aan het vissen was, zag hij plots een vuurbol door de lucht vliegen. De bol vloog in de richting van het bos. De vriend van Nander wilde met stenen naar de vuurbol gooien, maar Nander raadde hem dat sterk af.
De leden van de bende van Bakelandt werkten vaak als knecht bij een boer. De echtgenotes van de bendeleden gingen met lint leuren om de huizen van de mensen goed te kunnen bekijken. De rovers vertoefde vooral in het Vrijbos, waar ze onderaardse…
Bij Harie V.P. had men veel ongeluk; de dieren gingen allemaal dood en men kon geen boter meer maken. Op aanraden van de paters ging de familie op bedevaart. Daarna kwam de pater de plaaggeest verbannen. Met een koord werd de geest naar het bos…
Enkele vrouwen die in het bos hout moesten gaan hakken om bezems te maken, durfden niet alleen naar het bos te gaan. Daarom namen ze altijd een oude blinde man mee, die tegen een wilg ging staan terwijl zij aan het werk waren. Hoewel die man niet kon…
Een stroper zat op een avond met zijn geweer in het bos. Toen de man een grote haas zag lopen, schoot hij naar het dier en zei: "Jij bent de mijne!" Omdat de stroper de haas niet had getroffen, schoot hij nog tweemaal. Daarna kwam de haas naar hem…
In Koekelare woonde een jongen wiens stiefmoeder tot zijn vader had gesproken: "Je moet hem bij iemand laten werken, al was het bij de duivel!" De jongen ging samen met zijn vader op pad door de bossen van Wijnendale. In de verte zag het tweetal een…
In 't Oenzeniertjesbus kwam 's avonds een doodkaars terug. Wel honderdvijftig of tweehonderd mensen kwamen naar de doodkaars kijken. In werkelijkheid was het een lantaarn op een stok waarmee één of andere grapjas de mensen bang wilde maken.
Een dronkaard ging van de Zwijnhoek naar Zillebeke waar zijn vriendin woonde. De man ging langs het Bastièrebos, dat berucht was omdat het er spookte. In het bos hoorde de man takken kraken en werd hij tegen de grond geslagen. Doodsbang krabbelde de…
Bakelandt had een groot hol in het bos tussen de Klausdreef en de Bekedreef. Overdag gingen de rovers leuren met borstels en andere zaken. Soms gingen ze bij mensen eten vragen om hen daarna te bestelen en te vermoorden. De bende bestond uit zo'n…
Een man die met zijn kruiwagen door een bos in Diepenbeek reed, schrok toen er plots een kat op de kruiwagen zat. Even later zat de kruiwagen helemaal vol met katten, zodat de man haast niet meer verder kon rijden.
Een man die terugkwam van het cafè zag in een hoek van het bos een lantaren zwaaien. Het volgende ogenblik stond de heks bij hem met de woorden: "Jij bent ook nog laat op stap, hè!"
De toveressen hielden tussen elf en één uur ’s nachts bijeenkomsten in de bossen om plezier te maken. Men kon dan soms wondermooie muziek horen, hoewel er niets te zien was.
Bij een kapelletje in Avelgem woonden overtuigd christelijke juffrouwen, die familie zouden zijn van de Duitse officier Rommel. Op zekere dag waren de twee juffrouwen gestorven. Toen een boer en de boerin met Kerstmis naar de vroegmis gingen en…
Enkele jongens zaten tijdens het lof op zondagvoormiddag bij het bos te kaarten. Wie verloor, moest een fles jenever gaan halen. Omdat er na een tijdje nog steeds niemand had verloren, gooide één van de spelers zijn kaarten neer met de woorden:…
Een vrouw die vodden en vis verkocht, was op een avond nog aan het werk, waardoor ze niet wist dat haar broer op de Tesselhoek net de Laatste Sacramenten had ontvangen. Toen de vrouw thuiskwam, sprak haar kind: "Moeder, ik weet iets, maar ik mag het…
Een vrouw die vaak 's nachts op pad was, beweerde dat er op de weg van Oudenaarde naar Kortrijk een zwarte hond met kettingen en bellen rondliep. Die hond werd 'Klinkaard' genoemd. De vrouw zag de hond uit het bos komen en werd dan een eindje door…
Bakelandt hield zich vaak schuil in herberg ''t Meiboompje' in de Munckebossen. De bendeleider vermomde zich vaak als handelaar en knoopte zo gesprekken aan met de boeren. Op zekere dag zat in de herberg een man die net een os had verkocht. "Ben je…
Enkele mensen kwamen terug van het bos, waar ze heide waren gaan halen om borstels te maken. Onderweg gingen de mensen even zitten om wat uit te rusten. Op dat ogenblik kwam er een katje aangelopen. Eén van de mannen haalde zijn mes boven om naar het…
In de bossen van Anzegem spookte het. Twee vrienden die op een dag van Anzegem naar Oudenaarde gingen, zagen in die bossen een vrouw met een zwarte sluier lopen. De man sprak tot die vrouw: "Je moet spreken of ik ga slaan". Daarop antwoordde de…