Een meid die in de kasteelhoeve sliep, hoorde driemaal kloppen op de deur van de kasteelvrouw. Toen de meid opstond en ging kijken, zag ze in de opening van de deur een man staan die helemaal in het wit was gekleed. Bij het zien van de meid, sloeg…
Een man riep de veerman omdat hij naar zijn vrouw en kind aan de overkant van het water moest. Toen de man het lichtje van de boot meende te zien, ging hij dichterbij en viel in het water. De man verdronk. Wanneer het stormde, hoorden de mensen…
Boswachter Gierke G. had op Vogelsang een man vermoord. Toen Gierke op sterven lag, zaten zijn zussen bij hem te waken. Om middernacht werd er op de deur geklopt. De oudste zus ging open doen en zag een gloeiend paard staan. De zus die bij het…
Pater V. had twee witte paarden en woonde in een kasteel. Na zijn dood kwam de pater spoken. Hij gooide met een gloeiende ketting naar de voorbijgangers.
Een man die 's nachts opstond en naar beneden ging, zag een vreemde gestalte op de kachel zitten. Het was een vrouw die witte kleren droeg en een sluier over haar hoofd had. De bange man ging snel verder. Toen hij even later weer in de kamer kwam,…
Toen men de drossaard probeerde te verbannen, gebruikte men een lege kar om de geest te vervoeren. Hoewel er niets te zien was, brak de kar in twee. Uiteindelijk is de pastoor van 't Lindel erin geslaagd de drossaard te verbannen.
Dwaallichtjes waren de zieltjes van kinderen die niet gedoopt waren omdat ze dood ter wereld waren gekomen. Dwaallichtjes zweefden tussen de hemel en de hel. Ze zagen eruit als rode glimwormpjes.
Wanneer er een kindje geboren werd, doopte men…
Een man uit Koersel die terugkwam van Hechtel, kwam een pastoor tegen met een dik boek onder zijn arm. De man zei "Goedenavond", maar de geestelijke antwoordde niet. De man had de hele nacht rondgelopen en stond pas de volgende ochtend bij zijn…
Bij het kasteel van Lagasse op de grens van Neerharen, Rekem en Lanaken stond vroeger een galgenboom. Omdat veel misdadigers aan die boom waren opgehangen, spookte het op die plaats.
Dwaaslichtjes waren de zieltjes van ongedoopte kinderen. Wanneer men naar een dwaaslichtje had gewenkt, brandde het lichtje een zwarte hand in de deur.
Een boerenzoon had een relatie met een meisje uit een café. Omdat de ouders tegen de relatie waren, spraken ze tot hun zoon: "We zouden nog liever hebben dat je op het kerkhof terechtkwam, dan dat je met dat meisje zou trouwen!" Kort daarop pleegde…
Enkele mensen uit Congo (1) zagen een grote bol vuur uit een moerassige weide komen. De vuurbol vloog over hen heen naar de Boksberg, waar hij boven een open plek bleef zweven. Op die plaats had vroeger een man een vrouw vermoord. De mensen liepen…
In een spookkasteel hoorde men om middernacht kettingen rammelen. In de tuin zag men soms een schim. Men geloofde dat de gestorven eigenaar van het kasteel kwam spoken omdat hij in zijn graf geen rust kon vinden.