In Rosmeer heeft men vroeger aarde van het kerkhof naar het Klein Veldje gebracht. Sindsdien zag men op het Klein Veldje omstreeks middernacht dwaallichtjes verschijnen.
De eeuwige jager was een jongen die door zijn ouders verwenst was. In de Wijnendaalse bossen hoorde men hem roepen: "tjagouw". Men zag hem van de ene boom naar de andere springen.
Een boer kwam na zijn dood in zijn doordeweekse kleren spoken op zijn hoeve. De pastoor sprak tot de man die het spook gezien had: "Laat een mis doen voor vader". Nadat men een mis had laten doen, is het spook niet meer verschenen.
In Aalst stond een boom die de 'Tjenneboom' werd genoemd. De boom was zeker driehonderd jaar oud en had een omtrek van wel vier meter. De mensen die aan die boom werden opgehangen, kwamen na hun dood spoken.
Een man die terugkwam van Zutendaal zag onder aan de heuvels een pastoor die met een brevier in de handen liep te bidden. De man zei "Goedenavond", maar de pastoor antwoordde niet. Het was de 'heipastoor', die als straf na zijn dood moest komen…
Bij de kerk verscheen altijd een spook dat sprak: "Ik heb beloofd om naar Scherpenheuvel op bedevaart te gaan, maar ik heb die belofte nooit kunnen volbrengen. Jullie moeten het voor mij doen".
Een oude man ging negen dagen bidden bij de kapel. Op de derde dag zag de man een begijn aankomen, die een gouden sleutel in haar hand had. Nadat de oude man alles aan de pastoor had verteld, vond hij de moed om terug naar de kapel te gaan. Daar…
Een jongen die met zijn vrienden op het kerkhof wandelde, schopte tegen een doodshoofd en zei: "Als er nog leven is in jou, kom dan vanavond maar aan mijn tafel eten". Diezelfde avond werd er aangebeld. Het spook kwam binnen en kreeg een Roemer…
Met Allerheiligen zag men vaak dwaallichtjes ronddwalen. Dat waren de zielen van slechteriken die moesten komen boeten voor hun zonden. Een vrouw uit Oostende bad iedere avond opdat God die lichtjes zou komen oppakken.
Op het strand van Blankenberge was een lijk met lederen laarzen aangespoeld. De man die het lijk had gevonden, trok de laarzen uit en nam ze mee. Een tweede man die dat had gezien, wilde de laarzen per se voor zichzelf hebben. 's Avonds ging de…
Een vrouw die in Hamont haar dochter was gaan bezoeken, wandelde 's avonds terug naar huis. Toen de moeder bij het kasteel van l' Escaille kwam, zag ze plots iets bewegen tussen de bomen. Ze meende een lelijke oude vrouw met lange tanden te zien. …
Op een koertje bij de Mandel in Oostrozebeke kwam zelfs bij klaarlichte dag een dode spoken. Het spook lag met zijn armen gekruist op het hek. Een pater uit Steenbrugge stelde vast dat het om een goede geest ging. De pater knoopte een steen in een…
Een meisje woonde na het overlijden van haar vader een tijdje bij haar tante. In iedere deuropening zag het meisje de geest van haar vader staan. "Je moet niet bang zijn", sprak de tante, "je moet vragen wat hij wil". De geest stak zijn arm uit en…
Op Munnik-hof in Boorsem woonde een baron. De dochter van de baron had een relatie met de zoon van de graaf die op het kasteel van Rekem woonde. Omdat de graaf niet tevreden was over de afkomst van het meisje, sprongen de twee geliefden in de…
Een boerin werd omstreeks middernacht wakker omdat ze een geluid hoorde op de graanzolder. Het leek wel alsof iemand graan aan het scheppen was. Even later leek het alsof de planken onder het dak werden losgetrokken. Daarna hoorde men stenen van…
In Westkerke stond een boerderij met een torentje. In die toren kwam altijd een steen los. De boer heeft vaak geprobeerd dat gat in die muur dicht te metselen, maar de steen kwam altijd opnieuw los. Op zekere dag vond de metselaar in die muur een…
Een gierige vrouw verborg al haar geld in waterketels en emmers. De vrouw stierf armoedig en er was geen geld om de begrafenis te betalen. Na de dood van die vrouw zagen de mensen uit het dorp iedere nacht een verschijning in het veld. Het was de…
Een oude vrouw die op sterven lag, droeg een lederen verband omdat haar schouder gebroken was. De vrouw vroeg aan haar dochter of ze dat lederen verband na haar dood in Scherpenheuvel wilde gaan offeren. De dochter beloofde samen met haar…
Toen Bernard V.L. uit de kerk kwam, sprak hij tot zijn vrouw: "Als ik dood ben, dan kom ik terug". Later vertelden de mensen dat Bernard na zijn dood inderdaad was komen spoken.
Voor geen geld durfde iemand 's nachts van café 'Het Prinsenhof' in Neeroeteren naar de Aermolen te gaan. Men moest dan immers langs het kerkhof, waar men de beenderen van de doden zag liggen en waar men de uilen hoorde roepen. De mensen geloofden…