Een jongen die op een zondag wilde gaan jagen, werd door zijn vader verwenst met de woorden: "Jaag tot in de eeuwigheid!" Sindsdien hoorde men de eeuwige jager in het bos van Wijnendale altijd naar zijn honden roepen: "Tsjohouw!"
Een boer sprak tot zijn zoon die wilde gaan jagen: "Jaag tot in de eeuwigheid". 's Nachts hoorde men de eeuwige jager naar zijn honden roepen: "Tei, tei, gauw!" Iedere honderd jaar keerde de jongen terug in de gedaante van een ezel. Nadat de deken…
Op een boerderij had een werkman zijn ontslag gegeven. De boerin was zo kwaad geworden dat ze had gezegd: "Ik wilde dat hij zijn poten brak!" Toen de werkman een zak naar de zolder bracht, brak hij een been. Die boerin bezat veel toverboeken.
Een jongen werd door zijn moeder verwenst omdat hij niet wilde ophouden met jagen. "Blijf dan maar jagen", had de moeder gezegd. 's Avonds kon men de eeuwige jager vaak in de wolken zien.
De eeuwige jager vloog 's nachts door de lucht terwijl hij riep: "Tsjagouw!" Het was een man die geen rust kon vinden omdat hij verwenst was. De eeuwige jager vond alleen rust op de groene top van een bies, maar de toppen van biezen zijn altijd…
In een huis in Beveren hoorde men 's nachts altijd geluiden alsof iemand aan het dorsen was. Wanneer men ging kijken wat er aan de hand was, hoorde men het geluid niet meer. Op een dag stond de boerderij in brand. Zodra men dichterbij kwam, was er…
In het Sint-Ecarusbos in Winnezele zou ooit een kasteel zijn verzonken. De plaats was nog zichtbaar in het midden van het bos. Toen de zoon van de kasteelheer wilde gaan jagen tegen de zin van zijn vader, had deze laatste gezegd: "Jaag en blijf jagen…
Een man zag een meerkat uit een elzenhaag komen. Het dier had een mooie kleurrijke pluimstaart. De meerkat deed de man geen kwaad. Soms gebeurde het echter dat meerkatten de mensen besprongen, beten en verwensten. Het waren toveressen.
Rond het kerkhof liep altijd een hond met een ketting. Die hond was in werkelijkheid een man die verwenst was. De mensen die in de huizen bij het kerkhof woonden, hingen altijd een blauwe schort vóór het raam omdat de hond altijd zijn voorpoten op de…
Tussen de vaart van Wenduine en die van Brugge-Oostende was een kleine waterloop die alleen door binnenvaartuigjes werd bevaren. Op het grondgebied van Zukerke was er een bruggetje dat 'de Zielebrug' werd genoemd. Op een dag was een vrekkige boer,…
In Zandvoorde had een vrouw een kindje gekregen. De beste vriendin van die vrouw was jaloers en verwenste het kind. Het kind groeide wel, maar het was een beetje achterlijk. Omdat de dokters geen raad wisten, ging de moeder met haar kind naar de…
In Poperinge woonde een man die wilde trouwen met een vrouw uit de buurt. Iemand sprak tot de man: "Je mag met die vrouw trouwen, maar dan mag je de naam van God nooit meer uitspreken". De man stemde toe en trouwde. Toen de man op een dag samen met…
Een boerderij in Noodschote was verwenst door de zoon van de eigenaar. Daarom gebeurden er vaak vreemde dingen op die boerderij. Terwijl men aan het dorsen was, werd er in de schuur met appeltjes gegooid.
In Maastricht en in Weert verkocht men toverboekjes. Enkel mensen die al onder invloed van het kwaad waren, konden met die boekjes iets doen. Men moest dan bijvoorbeeld God verwensen, de hele godsdienst afzweren en een hostie vertrappelen.
Een verwenste man vloog rond in een orkaan en riep de hele tijd: "Sapavoe, sapavoe!" Wanneer de mensen dat 's avonds hoorden, zeiden ze: "De sapavoe is daar weer!"
Twee vissers hadden de hond van de pastoor gesneden. Daarop had de geestelijke gezegd: "Ze gaan naar Ijsland. Geen enkele van hen zal nog terugkomen". Het schip van de Ijslandvaarders is inderdaad vergaan.
Een boer wiens hennen waren gestolen, ging naar een oude vrouw die hij verdacht van de diefstal en riep: "Jij hebt mijn hennen gepakt!" De vrouw ontkende en zei: "Vandaag kan je de pluimen van je hennen nog zien, maar over een jaar zal je dat niet…
In het klooster in Rotselaar kwamen de arme mensen vaak een boterham vragen. Op een dag had zusteroverste enkele armen weggejaagd met de woorden: "Ik wou dat je terugkwam op een zeug!" Toen die arme mensen de spoorweg van Rotselaar waren…