Zaterdag, zevende kapittel. Om de dagelijkse koorts te genezen, moet je de eerste drie woorden van het onzevader op een salieblad schrijven en dat 's ochtend eten, drie dagen lang.
Dinsdag, drieëntwintigste kapittel. Met een stok of de vinger in as schrijven of met vuur spelen, is een teken van bedplassen. Degene die ziet dat zijn vrouw voor zijn neus het vuur uitmaakt, zal elke nacht snurken. Als een jong meisje dit ziet, zal…
Een dominee geeft catechisatie aan kleine jongens en begint bij Adam en Eva. Een jongen vergeet snel en schrijft het daarom de woorden Adam en Eva aan de binnenkant van de broek. Als de dominee hem een week later vraagt wie de eerste man en vrouw…
Joost van den Vondel vroeg eens aan een boer of hij mee mocht rijden. Dat mocht, op voorwaarde dat Joost een gedicht zou maken waarbij de laatste twee woorden van elke zin hetzelfde waren. Joost wist dat de boer 's nachts zijn vee in andermans weiden…
Een meisje had eens drie vrijers, een schipper, een dominee en een schoolmeester. Zij schreef de letters G. t. m. w. k. op een stukje papier, en zei dat ze zou trouwen met degene die daar de mooiste zin van kon maken. De schipper en de dominee…
In de Bloedpoort in Den Haag was een donkere kamer. De muren zijn helemaal vol met namen beschreven. Sommige zijn met bloed geschreven, en kan men er nooit meer afkrijgen.
Op de deur van de kruidenierswinkel van Jan van Houten schreef iemand eens:
Jan Van Houten
met zijn magere bouten
is nu dik en vet,
maar dat heeft hij d' arme mensen afgezet.
Een niet zo slimme boer had eens kiespijn. Hij wilde naar de tandarts in de stad. Door omstandigheden kon zijn vrouw niet mee. Toen hij een treinkaartje wilde kopen, begon hij af te dingen. Maar de verkoper deed daar niet aan mee, en boos ging de…
Moos en Sam waren vrienden. Moos ging op vakantie naar de Sahara en Sam ging op vakantie naar Hollywood. Moos schreef een brief naar Sam: "Ik lig op het zand en kijk naar de sterren." Sam schreef terug: "Ik lig op de sterren en kijk naar het zand."
Een pasgetrouwd stelletje was nog niet gewend aan electrisch licht, dat in hun nieuwe huis wel was. Op een keer kwam de meteropnemer. Hij zei tegen de man: "Mijnheer, u bent erover geweest." Na het bezoek vroeg de man zich af hoe de meteropnemer dat…
Een paus schrijft een brief aan een keizer en noemt hem 'mijn zoon'. Een nar die aanwezig is bij het lezen van de brief zegt dat de paus liegt en zijn keizer uit vrome ouders is geboren.
Een vrouw sleept haar man voor de rechter, omdat hij het met andere vrouwen houdt en gaan aandacht aan haar besteedt. Zij durft dit niet hardop te zeggen en moet het opschrijven van de rechter, maar er komt geen inkt uit de pen. De vrouw laat weten…
Drie Duitsers vragen aan Jan Tamboer of hij een bruiloftsgedicht voor hen kan schrijven. Hij ontvangt voor het lange gedicht vier dukaten, maar de Duitsers hebben niet door dat het een humoristisch gedicht is.
fietelen: met een natte vinger over een ruit wrijven, zodat het piept.Over schoolmeester Berk en zijn vele bijbaantjes. Eens fietelde hij bij de werkplaats van de Keldersen, werd betrapt door Marte, die hem terugpakte door een diepe kuil te graven…
Onder de dingen, die Kulhannes op school uithaalde, was het steken van de kroontjespen in de billen van zijn voorbuurman Janus. Over zijn schrijfkunst en het bijhouden van een sprookjesschrift.
Ymke de Jong wordt tijdens diensttijd voor straf opgesloten in de Kânslerije, maar hij breekt uit op een nacht uit. Sloten openen zich vanzelf en hij schrijft onder de woorden 'hier temt men leeuwen en beren' 'maar Ymke de Jong niet'.
Stotterende Harm kon toveren. Zijn moeder had een winkeltje. Daarin hing een zwart bordje met in witte letters de tekst:
Hendrikje van Assen,
ik woon hier aan de weg.
Wat heb ik meer te wensen:
de zegen van de Heer
en nering van de mensen.
Vrijmetselaars hebben een verbond met de duivel. Zij ondertekenen een contract met hun eigen bloed. Als ze eruit willen, moeten ze weer hun naam met hun eigen bloed zetten. Maar dan gaan ze dood. Ze hebben nooit gebrek aan geld.
Een man kreeg in het vooronder van zijn schip eens bezoek van een halfwijze kennis. Hij praatte over rare dingen en vloekte veel. Toen hij weer weg was, hoorde de man elke keer rare geluiden buiten. Net alsof er een stel soldaten aan het dansen…