's Nachts verlieten de alvermannetjes hun onderaardse gangen. 's Ochtends wanneer het licht werd en de klokken begonnen te luiden, verdwenen ze weer onder de grond.
In Nederland bij de oever van de Maas woonde een gezin alvermannetjes. De kleine mensjes kwamen langs de brug naar België. De alvermannetjes gingen met hun paardjes vaak toneel spelen op het gemeentehuis. Alvermannetjes waren klein van gestalte,…
Vroeger woonden er alvermannetjes in de buurt van de stadswallen van Bree. Rondom de stadswallen was toen een brede gracht waar de alvermannetjes altijd kikkers gingen vangen, die ze opaten. De buurtbewoners konden dan niet slapen door het…
De alvermannetjes waren kleine mannetjes die op de Rekhovenseberg woonden en alleen 's nachts werkten. Wanneer de boeren bezig waren geweest met het bemesten van het veld, dan lieten ze 's nachts enkele mestvorken in de grond steken met op elke…
De alvermannetjes woonden in kuilen in de bossen van Lummen. Vaak gingen ze bij de mensen huishoudgerei lenen. Wanneer ze een schone kookpot kregen, dan brachten ze die vuil terug, en omgekeerd.
De alvermannetjes hebben het oog uitgeblazen van een man die hen door het sleutelgat stond te bespieden. De dwergjes zijn dan uit angst naar een andere plaats getrokken.
Op een boerderij waar veel alvermannetjes woonden, ergerde een meid zich aan het feit dat één van de alvermannetjes verliefd op haar was. De meid ging naar de pastoor, die tot haar sprak: "Je moet op de mesthoop gaan zitten met een boterham in je…
De alvermannetjes woonden in een kuil op de Bolderberg. Wanneer de mensen veel werk hadden, kwamen de alvermannetjes het werk doen in ruil voor een kleine beloning.
Eén van de alvermannetjes uit Kinrooi kon alle zieken genezen. Wanneer de dokter geen raad wist, vroegen de mensen de alvermannetjes om hulp. De volgende ochtend stond er dan een potje zalf of een ander medicijn voor de deur.
Alvermannetjes waren maar tachtig of honderd centimeter groot. Ze woonden in de bergen rond Geulle en Stein. Bij Hal aan de Maas kwamen de alvermannetjes huishoudgerei van de mensen lenen. Ze brachten alles mooi afgewassen terug.
Wanneer de mensen veel werk hadden, zetten ze wat voedsel bij de Alverberg. De alvermannetjes kwamen dan 's nachts het werk doen. Maar men mocht de dwergjes in geen geval bespieden.
De alvermennekes woonden in de Alverberg tussen Bekkevoort en Waanrode. Als men die dwergjes een boterham met kaas gaf, dan deden ze 's nachts je werk, zoals bijvoorbeeld het bemesten van het veld.
Eén van de alvermannetjes was verliefd op een…
Een kleermaker of schoenmaker werd geholpen door de alvermannetjes die 's nachts zijn werk kwamen doen.
Wie de was niet gedaan kreeg, moest wat rijstpap buiten zetten voor de alvermannetjes.
Om te voorkomen dat kinderen in een put vielen,…
Vroeger woonden er in de grachten van Bree alvermannetjes. Wanneer de mensen brood moesten kneden of hun veld moesten bemesten, dan deden de alvermannetjes dat 's nachts voor hen in ruil voor wat voedsel. Toen een nieuwsgierige man op een nacht de…
Wanneer de mensen niet klaar waren met hun werk, dan zeiden ze vaak: "De kabouters of de èverkes zullen het wel komen doen". Sommige mensen zetten zelfs voedsel op tafel voor de kaboutertjes. De volgende ochtend stond het eten er echter nog.
Alvermannetjes konden net zoals weerwolven door de lucht vliegen. Omdat de alvermannetjes dan een klein lichtje bij zich hadden, noemden de mensen hen dwaallichtjes.