Wanneer er 's nachts ergens iets veranderd was, geloofden de mensen dat de alvermannetjes het hadden gedaan. Om de kinderen te doen gehoorzamen, zei men soms: "Luister maar goed, want anders komen de alvermannetjes vannacht jullie hut afbreken!"
De alvermannetjes hadden een onderaardse gang gegraven, die uitkwam bij dokter I. in Engelmanshoven. In Groot-Gelmen zaten de alvermannetjes vaak in de weide van R. 's Avonds zette de familie Romsée de was buiten, samen met wat eten en drinken. De…
In Bunsbeek stond een lemen huis waarin een oude vrouw en een meisje van zeven jaar woonden. Op een dag moest het meisje bloemen gaan plukken omdat de oude vrouw ziek was. Op de Konijneberg hoorde het meisje plots een gekerm. Het was een kaboutertje…
Vroeger leefden er dwergjes in gangen onder de grond. Een man die een waterput aan het graven was, vond op zekere dag een kelder waarin dwergen hadden gewoond. In de kelder lag nog een schotel die de dwergjes van de buren hadden geleend. De dwergen…
's Nachts verlieten de alvermannetjes hun onderaardse gangen. 's Ochtends wanneer het licht werd en de klokken begonnen te luiden, verdwenen ze weer onder de grond.
Op een avond was er ergens een verkoop van bomen geweest. De volgende ochtend waren de bomen die verkocht waren, allemaal afgezaagd. De kabouters hadden dat gedaan.
In Nederland bij de oever van de Maas woonde een gezin alvermannetjes. De kleine mensjes kwamen langs de brug naar België. De alvermannetjes gingen met hun paardjes vaak toneel spelen op het gemeentehuis. Alvermannetjes waren klein van gestalte,…
Vroeger woonden er alvermannetjes in de buurt van de stadswallen van Bree. Rondom de stadswallen was toen een brede gracht waar de alvermannetjes altijd kikkers gingen vangen, die ze opaten. De buurtbewoners konden dan niet slapen door het…
De kaboutertjes in Gastel vroegen aan de mensen of ze niets moesten poetsen, zoals bijvoorbeeld koper. In ruil voor het werk dat ze verrichten, wilden de kaboutertjes graag wat voedsel. Wie aan de kabouters geen enkele vergoeding gaf, zag ze nooit…
De alvermannetjes waren kleine mannetjes die op de Rekhovenseberg woonden en alleen 's nachts werkten. Wanneer de boeren bezig waren geweest met het bemesten van het veld, dan lieten ze 's nachts enkele mestvorken in de grond steken met op elke…
De alvermannetjes woonden in kuilen in de bossen van Lummen. Vaak gingen ze bij de mensen huishoudgerei lenen. Wanneer ze een schone kookpot kregen, dan brachten ze die vuil terug, en omgekeerd.
De alvermannetjes hebben het oog uitgeblazen van een man die hen door het sleutelgat stond te bespieden. De dwergjes zijn dan uit angst naar een andere plaats getrokken.
Op een boerderij waar veel alvermannetjes woonden, ergerde een meid zich aan het feit dat één van de alvermannetjes verliefd op haar was. De meid ging naar de pastoor, die tot haar sprak: "Je moet op de mesthoop gaan zitten met een boterham in je…
De alvermannetjes woonden in een kuil op de Bolderberg. Wanneer de mensen veel werk hadden, kwamen de alvermannetjes het werk doen in ruil voor een kleine beloning.
Eén van de alvermannetjes uit Kinrooi kon alle zieken genezen. Wanneer de dokter geen raad wist, vroegen de mensen de alvermannetjes om hulp. De volgende ochtend stond er dan een potje zalf of een ander medicijn voor de deur.
Alvermannetjes waren maar tachtig of honderd centimeter groot. Ze woonden in de bergen rond Geulle en Stein. Bij Hal aan de Maas kwamen de alvermannetjes huishoudgerei van de mensen lenen. Ze brachten alles mooi afgewassen terug.
Wanneer de mensen veel werk hadden, zetten ze wat voedsel bij de Alverberg. De alvermannetjes kwamen dan 's nachts het werk doen. Maar men mocht de dwergjes in geen geval bespieden.
De alvermennekes woonden in de Alverberg tussen Bekkevoort en Waanrode. Als men die dwergjes een boterham met kaas gaf, dan deden ze 's nachts je werk, zoals bijvoorbeeld het bemesten van het veld.
Eén van de alvermannetjes was verliefd op een…