In ruil voor voedsel deden de alvermannetjes het werk van de mensen. Op een dag had een boer voor de alvermannetjes soep met leren lappen gekookt. Toen de alvermannetjes begonnen te eten, zei er één: "Wat voor taai vlees is dit!"
Wie wilde dat de kabouters het veld zouden omploegen, moest de ploeg op het veld laten staan en er een boterham of wat tabak naast leggen. 's Ochtends was het hele veld omgeploegd.
De dwergen woonden in de bergen in de buurt van Rotem. Ten tijde van de bokkenrijders kwamen die dwergen 's nachts de kookpotten van de boeren poetsen.
Het Alvermannekeskoot was een grote ronde diepte waar bomen stonden. De alvermannetjes leefden daar onder de grond. Wanneer men de dwergjes propere schotels bracht, deden ze er hun behoefte op. Wanneer men hen vuile schotels bracht, maakten ze die…
Alvermannetjes waren kleine mensjes die 's nachts voor de mensen kwamen werken. Bij maneschijn kwamen de alvermannetjes bijvoorbeeld het veld bemesten. Overdag verbleven de dwergjes vaak in het bos.
Als men 's avonds de was klaarzette met wat geld ernaast, dan kwamen de alvermannetjes 's nachts het werk doen. Waar de dwergjes met dat geld naar de winkel gingen, is echter niet duidelijk.
De alvermannetjes kwamen boter maken in ruil voor spek. Op een dag had men voor de grap enkele schoenzolen bij de spatel gelegd. Die keer maakten de dwergjes geen boter.
De alvermannetjes die in de grachten woonden, kwamen 's avonds in ruil voor een ketel pap het werk doen bij Fons T., een man die afkomstig was uit Marokko.
Vroeger droegen de mensen meel naar de kerk waar de alvermannetjes woonden. Als ze er ook wat voedsel bij legden, dan kwamen de alvermannetjes 's nachts het brood bakken. Maar men mocht niet gaan kijken, want dan gebeurde er niets.
De alvermannetjes waren kleine mannetjes die met de duivel omgingen. De koning, de paus en alle andere machthebbers hebben samengewerkt om in één nacht de alvermannetjes uit te roeien.
Alvermannetjes waren kleine wezentjes die de mensen vaak hielpen en soms ook huishoudgerei kwamen lenen. Men vertelde dat de alvermannetjes rondtrokken in de dorpen en daar koper gingen verkopen.
De alvermannetjes leefden in moerassige gebieden. Die dwergjes kwamen de was doen bij de mensen in ruil voor enkele spekkoeken. Op een nacht ging een nieuwsgierige man de alvermannetjes van op zijn zolder bespieden. "Zeg", sprak één van de…
De alvermannetjes verscholen zich onder de grond dicht bij het molenveld. 's Nachts deden de alvermannetjes het werk van de mensen. Zo deden ze vaak de was of bemestten ze het veld in ruil voor een kom soep of pap. Op een nacht had een…
Een smid die geen werk had, besloot met zijn hamer de wijde wereld in te trekken. Na een halve dag kwam de smid een mandenvlechter en een koordenmaker tegen, met wie hij verder reisde. 's Avonds namen de drie mannen hun intrek in een zaal van een…
De alvermannetjes verbleven op het Hooghuis. Men vertelde dat de alvermannetjes hun paarden achterstevoren besloegen opdat de mensen niet zouden weten waar ze naartoe gingen.
En 'ro ventje' was een klein kind met een groot hoofd en korte beentjes. Een man zag vaak zo'n ventje dat te voet van Zillegem naar Torhout ging om de paardenfeesten bij te wonen.
De alvermannetjes uit Bree gingen 's avonds de mensen afluisteren. Wanneer ze hoorden dat de mensen de volgende dag het veld moesten bemesten of brood moesten bakken, deden zij 's nachts het werk. Op een nacht zat een nieuwsgierige man de…
In Kessenich staken de alvermannetjes de hooimijt van Jef G. in brand, omdat zijn gezin te arm was geworden om de dwergjes van voedsel te voorzien. Sindsdien gaf geen enkele bewoner van Kessenich nog eten aan de alvermannetjes, waardoor de dwergjes…