In Houtkerke woonde een vrouw die over bijzondere krachten beschikte. Die vrouw zei: "Je mag het hek dichtbinden, je mag mijn benen aan elkaar binden met kettingen, dan nog zal ik over het hek springen!" Die vrouw bezat wellicht toverboeken.
Een man die 's avonds naar huis wandelde, hoorde plots kettingen rammelen. Het was Klerre die in de gedaante van een paard met zijn voorpoten op de schouders van de man sprong. Tien meter verderop liet Klerre de man met rust.
Waterduivels leken op grote vleermuizen. Ze hadden poten en vleugels en waren helemaal zwart. Veel mensen durfden 's avonds niet voorbij het water te lopen omdat ze bang waren dat de waterduivel eruit zou springen.
Op een afgelegen boerderij werkte een knecht die op een avond dronken door het Tangebos in Grimbergen wandelde. Enkele vrienden hadden besloten om die man een poets te bakken. Toen de man in het midden van het bos was, hoorde hij plots een ketting…
Een boer die biggen had gekocht, was erg bang voor de heks die in de buurt woonde. Op zekere dag sprak de heks tot de biggen: "Biggen, springlevend!" Daarop begonnen de biggen dol rond te springen.
Een man die van Steenhuffel naar de Boskant (gehucht van Peizegem) was geweest om zijn vriendin te bezoeken, kwam terug langs het Molenstraatje. Daar werd de man vaak besprongen door Klerre. Hij moest Klerre dragen tot hij voorbij een poort kwam, met…
In een wilgenboom tussen Zwevegem en St.-Louis zat een doodkeers. Daarom durfde niemand voorbij die boom te wandelen. Het spooklicht sprong van de ene tak naar de andere en liet een handafdruk achter in de deur.
Weerwolven waren mannen met een schapenvel die voorbijgangers in de nek sprongen en zich dan lieten dragen. Wanneer men een weerwolf kon laten bloeden, verdween hij.
Weerwolven waren mensen die een dierenvel droegen en voorbijgangers besprongen. Nadat ze zich een tijdje hadden laten dragen, lieten de weerwolven hun bezwete en bange slachtoffer met rust.
Met een list lokte de drossaard een veehandelaar mee, die de leider van de bokkenrijders was. Toen de mannen de Maas overstaken, sprak de veerman opeens: "Meneer de drossaard, uw jas hangt in het water". De bokkenrijder besefte dat hij met de…
Een man die 's ochtends met zijn kar terugkwam van de windmolen van Beverlo, schrok toen er plots een vuurbol op de kar sprong. Het paard was zo geschrokken dat het onmiddellijk naar huis liep. In de kar was een grote zwarte vlek gebrand.
Vóór de eerste wereldoorlog woonde in Poperinge een vrouw die betoverd was. Vaak gingen bereidwillige mensen bij de zieke vrouw waken. Omstreeks tien, elf of twaalf uur 's avonds vloog de vrouw plots uit haar bed en sprong op de kast, iets wat een…
Een man die van Narendonk (Varendonk?) naar Lommel ging, zag bij de brug over de Nete vijf grote zwarte honden zitten. Toen de man de honden met zijn fiets voorbijreed, sprongen de dieren in de beek.
Een man ging naar huis langs een put waarin ooit een vrouw was verdronken. Toen de man daar voorbijkwam, sprong er een varken tussen zijn benen. Daarop liep de man weg zo snel hij kon.
Een man uit 's Heerenelderen die 's avonds terugkwam van een herberg in Mal, werd gevolgd door een vrouw in een zwarte satijnen jurk. De vrouw sprong in zijn armen, maar antwoordde niet wanneer de man iets vroeg. Opeens was de vrouw verdwenen.
Bakelandt vertoefde in spelonken in het Houthulstbos en in het Vrijbos. Bij de bende was ook een vrouw. Op een dag pleegde de bende van Bakelandt een inbraak bij een boer die in de Stadendreef woonde. De meid sprong door het raam naar buiten en…
Drie vrienden uit Wimmertingen gingen vaak naar Diepenbeek om te vechten. Op een zondag vertoefde het drietal zoals gewoonlijk in café 'Het Planken weike'. Toen de mannen om middernacht nog steeds niet de kans hadden gekregen om te vechten, sprak…
Twee vrouwen en een man die in het donker bij een witte duiker kwamen, zagen een grote zwarte hond liggen. De man wilde naar de hond schoppen, maar hij mocht niet van zijn vrouw. Wat verderop hoorden de mensen een plons. Het was de waterduivel die in…
Een pasgeboren kind dat de hele tijd huilde, kon niet door een verpleegster geholpen worden. De ouders van het kind kregen de raad om naar de pastoor te gaan. Omdat de pastoor toen net ziek was, gingen ze naar de kapelaan. De kapelaan nam zijn boek…
Een vrouw had driemaal de Laatste Sacramenten ontvangen. Toen men heksenmeester Louis V.S. liet komen, sprak die: "Ik zal de heks na de middag eens doen springen met een bijenkorf op haar hoofd!"