Een man werd soms geplaagd door toverij. Wanneer zijn duiven bijvoorbeeld niet wilden binnenkomen, was dat een teken dat iemand een onzichtbaar net had gespannen. Een medium kon zo'n net zien. Als de man enkele lepels keukenzout op het dak van het…
Een werkman die in de Melkerijstraat woonde, moest over de beek naar huis. Iedere avond zat op de brug een waterduivel, die leek op een hond. De man nam zijn geweer en laadde het met enkele brokjes lood en wat gewijd zout. Op een zaterdagavond schoot…
Omdat Kie M. geen boter meer kon maken, ging hij naar Tongerlo om wat water en zout te laten wijden. Hoewel de broeder beweerde dat de hekserij voor negenennegentig jaar was uitgeroeid, heeft hij het water en het zout toch gewijd. Daarna kon Kie M.…
Een boerin die een kind had gekregen, kreeg iedere vrijdag bezoek van een vrouw die met wol leurde. Toen de moeder een handvol zout op de dorpel had gestrooid, kon die leurster niet meer binnen.
Een meisje raakte behekst nadat ze in de winkel door een vrouw op de schouder was getikt. Omdat de dokter niet kon helpen, ging men voor het meisje op bedevaart naar het klooster van Tongerlo. De pastoor ging met het meisje mee naar de kelder en…
In Middelkerke had een tovenaar ervoor gezorgd dat de mensen kleine rode mannetjes konden oproepen wanneer ze teveel werk hadden. De duiveltjes dansten rond en vroegen steeds naar werk, zelfs als de mensen geen werk meer hadden om hen te geven. …
De kwade hand was een oude vrouw die de kinderen betoverde, waardoor ze begonnen te huilen en helemaal wegkwijnden. De pastoor kwam dergelijke kinderen overlezen en gaf de mensen de raad om zout op de dorpel te leggen opdat de vrouw niet meer zou…
Om te weten of een vrouw een toveres was, moest men haar verplichten op een stoel te gaan zitten. Toveressen gingen immers niet zo gauw zitten. Dan moest men snel wat gewijd zout onder de stoel van de vrouw strooien. Als de vrouw daarna niet meer kon…
Als men er wilde voor zorgen dat een heks niet binnen geraakte in een huis, dan moest men wat zout vóór de deur strooien. Zout kwam immers uit de zee, en die werd jaarlijks gewijd.
In Roesbrugge woonde een vrouw over wie men vertelde dat het een toveres was. Omdat men op een boerderij geen boter meer kon maken en twee varkens en een koe zag sterven, ging de boerin naar de paters. De geestelijken gaven de boerin gewijd zout en…
Een kindje dat de distel (?) in het haar had, ging met haar moeder naar de markt. De moeder kocht voor haar dochter een mutsje tegen de distel van een marktkraamster. Zodra de moeder het mutsje bij haar kind had opgezet, begon het meisje te huilen en…
In Oudenburg vond men een kindje. Enkele mensen namen het kindje mee naar binnen en gaven het pap met zout. Even later was het kind spoorloos verdwenen.
Een man bezocht soms een medium en gebruikte keukenzout om zich tegen toverij te beschermen. Toen de man op een dag het slachtoffer was geworden van toverij, gooide hij wat keukenzout over zijn schouder. Daarna kwamen de tovenaars terug in de…
Een meisje dat melk was gaan halen, moest van haar moeder altijd een snuifje zout in de melk doen vooraleer ze te koken. De melk kon immers behekst zijn.
Een man die geen boter kon karnen, legde messen en vorken in het botervat en had daarna onmiddellijk boter. Men kon ook altijd wat zout in de melk strooien. Zout kwam immers uit de zee, die gewijd was.
Een toveres kwam vaak wandelen op de plaats waar de 'lattenspletters' (?) aan het werk waren. Omdat de mannen bang waren voor de heks, strooiden ze zout bij de ingang van de werkplaats. Daarna is de toveres nooit meer op die plaats komen wandelen.
Een familie uit Gelinden kon geen boter maken wanneer de heks Bet op bezoek was geweest. Wanneer men wat zout in de melk strooide, ging het iets beter.
Een moeder die een klein kindje had, kreeg bezoek van een vrouw die zei: "Wat een mooi kindje!" Toen de vrouw weg was, begon het kindje te huilen. De broer legde de gouden trouwring van zijn moeder samen met wat zout op de dorpel. Bij haar volgende…
Wanneer de boerinnen naar de stal gingen om de koeien te melken, strooiden ze wat gewijd zout in de eerste emmer melk. Als er dan een toveres op de boerderij zou komen, zou ze niet in staat zijn de melk te betoveren.
Een jongen van veertien kreeg op vrijdag 12 mei 1900 een schop van een paard, waardoor zijn enkel werd verbrijzeld. De jongen werkte de hele vrijdag en zaterdag koppig verder. Omdat het op zondag kermis was in Maastricht, sprak de moeder tot de…
Als er roodkapjes (kabouters) op het veld zaten, dan werd er vaak veel schade aangericht. Om de roodkapjes kwijt te raken, moest men een kilo zout op een houtmijt gooien en de kaboutertjes de opdracht geven om alle zoutkorreltjes eruit te halen.