Faust was katholiek, maar werd goddeloos door het lezen van boeken.
Faust verkoopt zijn ziel aan de duivel en mag vijfentwintig jaar leven alsof hij vijfentwintig jaar oud is. Hij leeft erop los met vrouwen en drank, paarden en geld en haalt…
Op een boerderij in Ramskapelle legden de hennen keien in de plaats van eieren. De biggen die geboren werden, stierven allemaal onmiddellijk en de boer slaagde er niet in boter te karnen. De koeien en paarden maakten lawaai hoewel ze net eten hadden…
Een boerin die de koeien aan het melken was, kreeg bezoek van een vrouw uit de buurt. De vrouw vroeg of ze ook enkele koeien mocht melken. De koeien die door die vrouw werden gemolken, gaven bloed in plaats van melk. Uiteindelijk zijn die koeien…
De pastoor van Esen had een keer met een list boeken gevraagd van mensen van wie hij vermoedde dat ze konden toveren. De geestelijke heeft die boeken echter niet meer teruggegeven, waardoor die mensen hun toverkracht kwijt waren. Sinds men na afloop…
Soms moest men Kludde dragen. Kludde was iemand die een ketting bij zich droeg en voorbijgangers op de rug sprong. Sinds de toverboeken overal zijn opgehaald, zijn dergelijke praktijken sterk verminderd.
Vroeger waarschuwde men de kinderen voor oude vrouwen die alleen woonden. Dergelijke vrouwen werden namelijk vaak verdacht van hekserij.
In Ieper woonde een heks bij wie men ooit alle toverboeken is gaan ophalen.
Bij een kasteel op de Malheide waren grote vijvers waarrond kikkers kwaakten. Een man kon die kikkers doen zwijgen door in een speciaal boek te lezen. Uiteindelijk zijn de geestelijken dat boek komen weghalen.
In Tiegem woonde een vrouw die toverboeken bezat. Op een dag heeft de pastoor de toverboeken van die vrouw opgehaald. De geestelijke zweette daarbij enorm.
Een vrouw die toverboeken bezat, had ook een toverhorloge waarop ze kon zien wanneer ze haar toverkracht kon uitoefenen. Uiteindelijk heeft de pastoor de toverboeken van die vrouw opgehaald.
Een boerin ging naar de paters van Steenbrugge terwijl haar echtgenoot in Knesselare een koe ging halen. De boerin sprak tot de paters: "We hebben een koe gekocht en ik ben bang dat we weer ongeluk zullen hebben". Daarop antwoordde de pater: "Jullie…
Een tovenaar kon het in zijn huis doen donderen en bliksemen, terwijl er buiten niets van het onweer te zien was. Hij kon ook luizen zetten. Een man schudde een keer met de stoel waarop de tovenaar had gezeten. Daarna had die man zelf luizen.
De…
In het huis van een weduwnaar spookte het erg. De borden en klokken die aan de muur hingen, rammelden.
De knecht en de meid die voor de weduwnaar werkten, gingen op zekere dag de boeken van de man halen op de zolder. Toen de boeken daar waren…
In Oostende woonde een vrouw die met garnalen leurde. Als men van die vrouw geen garnalen kocht, zou ze je 's nachts de duivel aandoen. Die vrouw bezat namelijk veel boeken. Haar man had veel van haar te lijden. Uiteindelijk is de deken van Oostende…
In Pepingen woonde een man die slechte boeken bezat. Zulke boeken kon men krijgen, maar men kon ze alleen kwijtraken door ze te verkopen. Nadat de paters die boeken hadden opgehaald, was de man van zijn toverkracht verlost.
Een man die met een kar vol koren onderweg was, werd het slachtoffer van een heks die toverboeken bezat. Vlak naast een afgrond viel de kar om, hoewel er niets gebroken was. Later is men de heks haar toverboeken gaan afnemen.
Een man uit Godsvelde bezat toverboeken. Die man was goed bevriend met de paters van Catsberg. Op een dag sprak één van de paters tot die man: "Die boeken gaan wij meenemen, want zulke dingen heb jij niet nodig".
Een vrouw die toverboeken had, zat 's avonds bij kaarslicht in de boeken te lezen. Die vrouw was de hele nacht op pad en ging vaak om middernacht ergens boter vragen. Op een dag kreeg de vrouw bezoek van de paters, die haar boeken hebben meegenomen.
Enkele mensen die op een vlasschaard aan het wieden waren, zagen een man uit Esen, die over bijzondere krachten beschikte. Toen de onderpastoor voorbijkwam, deed de man uit Esen zijn hoed groeien tot die wel een halve meter hoog was. Een tijdje later…
Een man die een toverboek bezat, kon muizen naar een huis laten komen. Wanneer de man vertrok, liepen de muizen met hem mee. De deken heeft de toverboeken van die man opgehaald. De muizen zijn daarna nooit meer teruggekomen.
Een man uit Esen ging 's nachts in de kamers van de meiden de kleren stelen. Daarna ging de man met die kleren op het dak van het huis zitten. Nadat men de boeken van die man had opgehaald, was hij zijn toverkracht kwijt.