Een boer die boter naar de markt van Kortrijk moest brengen, ging onderweg binnen in een boerderij in de hoop daar een kop koffie te mogen drinken. De boer zag het botervat draaien, hoewel er niemand te bespeuren was. Op het botervat lag een rood…
Op de Kuk naast de Abeelseweg in Poperinge spookte het vroeger bij schemerdonker. Een onbevreesde man ging daar altijd samen met drie vrienden vogels vangen. Die man heeft het spook nooit gezien.
Een dronken man die langs de Daalstraat naar huis ging, moest langs een donkere steeg bij het kerkhof. Plots zag de man een grote zwarte hond verschijnen, die de hele tijd voor zijn voeten sprong en opeens verdwenen was. Toen de man net thuis was,…
Wie de geest van een overledene wilde oproepen, moest aan het plafond een pond gepoetst koper vastmaken met een touwtje. Het koper moest op gezichtshoogte hangen wanneer men op een stoel zat. Daarna moest men de lichten doven, z'n ogen sluiten en…
De Russische generaal Orloff en een pastoor spraken af dat diegene die als eerste zou sterven, na zijn dood zou weerkeren om te vertellen hoe het er in het hiernamaals aan toe ging. Toen de pastoor was gestorven, zat de generaal op een avond in zijn…
Stallichten of glimwormpjes verschenen in het donker boven een meer of boven een stinkende put. De mensen geloofden dat dat dwaallichtjes waren. Dat waren rondzwevende zielen uit de hel of uit het vagevuur. Ook een vallende ster werd door de…
Een boerenknecht uit Vlamertinge wandelde op een avond door het donker naar huis. Onderweg zag de knecht een paar glinsterende ogen. Dat was een spookschaap.
Een vrouw die in het donker naar huis wandelde, schrok bij het zien van een witte gedaante die wenkte. Doodsbang snelde de vrouw naar huis, gevolgd door een hond. De volgende dag werd de vrouw aangesproken door iemand die zei: "We hebben je gisteren…
Omdat er vroeger geen straatverlichting bestond, waren de mensen bang om in het donker naar huis te gaan. Vaak meenden ze heksen, spoken, duivels of zelfs geiten met koperen tenen te zien.
Een jongen durfde 's avonds niet voorbij de Mettjes bij de Rijselstraat te gaan. De Mettjes waren moerassen met rootputten waar in het donker waterduivels met kettingen rondliepen.
Zwarte katten brachten ongeluk, zo geloofde men. Mensen die 's avonds in het donker een zwarte kat zagen, waren ervan overtuigd dat die kat een toveres was.
Een naaister die altijd in het donker terugkwam van haar werk, werd onderweg besprongen door een hond met een ketting. De naaister moest dan op de hond gaan zitten, waarna het dier haar naar huis bracht. Wanneer de vrouw thuiskwam, was de hond plots…
Een man die op een avond in het donker naar huis kwam, zag plots een aalkarteel vóór zijn voeten op de grond ploffen. Die avond kwam de man lijkbleek van angst thuis.
Weerwolven kwam men vooral 's winters tegen, wanneer het vroeg donker werd. Een weerwolf was meestal een zondaar die als straf met een dierenvel moest rondlopen om de mensen bang te maken.
Een man die op een donkere winteravond langs de Hasseltse Berg te voet naar Jette liep, werd besprongen door Klerre. Dat leek wel een grote hond die heel zwaar was. Toen de man bij het Rond Punt kwam, sprong Klerre van zijn rug.
Een man die in het donker naar huis wandelde, hoorde opeens een vrouwenstem roepen: "Wacht, ik ga mee". De man was doodsbang, maar de heks heeft hem geen kwaad gedaan. Ze zei: "Ik ken jou. Jij bent een zoon van H. en van T." De heks wilde zich…
In Hakendover woonde een meisje wiens vader jong was gestorven. Op twaalfjarige leeftijd moest het meisje op een boerderij gaan werken. Na afloop van de zondagsmis mocht het meisje naar haar moeder gaan. Ze moest vóór het donker thuis zijn. Sinds de…