Een jongen uit Hal die 's avonds in het donker naar huis wandelde, zag bij de Winterbeek een zwarte hond met gloeiende ogen, die hem de weg versperde. Omdat de jongen het dier niet durfde te slaan, nam hij een andere weg. Ook daar versperde de hond…
Bij een toren woonde een oude weduwe van wie de kinderen geloofden dat ze een heks was. De kinderen gingen daar vaak spelden in de raamkozijnen steken, waaraan ze een draad bevestigden. Aan die draad trokken ze dan. Soms gingen ze 's avonds ook met…
Een kleine jongen stak zijn zakgeld altijd in een collectebus bij een Christusbeeld. Hij wist nog niet dat die bus bedoeld was om het geld voor de kaarsjes die men had gebrand, te betalen. Omdat de jongen medelijden had met Onze Lieve Heer die zoveel…
In Eelvelde was een wal die wel honderd meter lang en drie meter breed was. Wie in het donker naar huis ging, kon Osschaart bij die wal in het water zien springen.
Een man uit Bellingen die ’s avonds vaak dronken terugkwam van de kermis, had vaak het gevoel dat er een zware hond op zijn schouders zat, die zich liet dragen. De man vertelde dan dat hij door de maar was bereden. De man was dan helemaal bezweet bij…
Een man kwam 's nachts in het donker met zijn hondenkar door Buggenhoutbos. Plots zag de man in het midden van de weg een rijke vrouw met rijke mannen en veel paarden staan, zodat de hondenkar halt moest houden. In één klap werd het zo licht alsof…
De mensen vertelden dat stallichten de zielen van ongedoopte kinderen waren. Wanneer de mensen in het donker te paard naar de markt gingen, kwam er een stallicht op het paard.
Een man die bij nevelig weer in het donker door de sneeuw naar huis kwam, liep zijn eigen huis voorbij.
Toen de man op een dag bij Kapel ten Tuit op de steenweg naar Bogaarden dronken in een gracht was gevallen, beweerde hij dat hij was betoverd.
Een dwaallicht was een kaars in een biet die men had uitgehold in de vorm van een gezicht of een doodshoofd. Wanneer het donker was, zette men die biet buiten om de mensen bang te maken.
Op een boerderij in Bellingen moest een vrouw 's avonds in het donker de koeien melken. Enkele grapjassen die de vrouw wilden bang maken, hadden zich met een wit laken als spook verkleed. Uiteindelijk was die vrouw daardoor zo bang geworden dat ze de…
Een stalkaars was een uitgeholde biet waarin men een kaarsje had gezet. Als het donker was, zette men dat kaarsje in het struikgewas. Voorbijgangers liepen dan haastig weg, om wat verderop te vallen over een koord die men voor de grap over de weg had…
Stalkaarsen waren uitgeholde bieten waarin grapjassen een kaarsje hadden gezet om voorbijgangers bang te maken. Meestal werden zulke bieten in donkere straten of langs afgelegen wegen gezet. Naar een stalkaars mocht men niet wijzen, want dan kon men…
Toverij heeft nooit bestaan. Dergelijke zaken waren allemaal verzinsels van de mensen.
Zo vertelde men dat boven de Sint-Jansbeek bij de Pottestraat altijd een lichtje op en neer bewoog. Veel mensen durfden daarom in het donker niet meer door die…
Een man die in het donker alleen terugkwam van een kaartavond, zag onderweg een verschijning met een krijtwit gezicht. Het spook droeg bovendien een lange dodenmantel. Doodsbang ging de man naar binnen. Enkele dagen later kwam de man het spook…
Voor zwarte katten moest men opletten, want dat konden heksen zijn. Wie alleen in het donker liep, werd vaak besprongen door de weerwolf. Heksen werden vroeger aan de galg of aan de schandpaal gebonden.
Tijdens een nieuwjaarsfeest liet iemand zich in het kader van een weddenschap overhalen om tijdens de misviering van 1 januari de hostie uit te spuwen. De volgende dag geloofde niemand dat de man zich aan zijn woord zou houden. Toen hij echter te…
Een knecht die in Poperinge werkte, ging iedere zondag naar zijn huis in Vlamertinge. Omdat de buurt waar de knecht woonde behekst was, speelde de jongen 's avonds in het donker op zijn accordeon. Op een avond zag de jongen plots een grote zwarte…
In Uitkerke stond een kasteel waar het spookte. Op een dag sprak een jongen uit de buurt tot zijn vader: "Kijk vader, daar spookt het!" De vader zag echter niets. De vrouw die in dat kasteel kwam spoken, was in het wit gekleed wanneer het donker was…
Framassons kwamen bijeen op een donkere plaats waar de duivel verscheen en waar ze hun geloof moesten afzweren bij het kruis. Framassons hadden alles wat ze maar wensten en ze werden verwittigd wanneer het einde van hun leven nabij was.
In Avelgem…