Een heks ging 's avonds altijd bij de mensen aankloppen, zodat de kinderen erg bang waren. Op een dag besloten de mensen de heks met bijlen en mestvorken te achtervolgen. De heks veranderde zich in een kat en kroop in een boom langs de Maas. …
In Zuidschote woonde een ongetrouwde man die veel boerderijen bezat. Men beweerde dat die man een vrijmetselaar was. Een huurder van één van de boerderijen hoopte het gebouw binnen afzienbare tijd van de vrijmetselaar te erven.
De vrijmetselaar had…
Enkele vrouwen die door de kasteeldreef van Terbos naar Hasselt gingen, schrokken toen ze in de sloot een weerwolf met een ketting om de hals zagen liggen. Zonder vrees sprak Betje tot het dier: "Ben je van God of van Gebod, wij gaan verder!" Het…
Een man die een schapulier droeg, durfde op een zaterdagavond niet naar huis te gaan omdat hij al zijn geld bij het kaartspel had verloren. De man was bereid zijn ziel aan de duivel te verkopen als die hem het geld zou kunnen geven. "Het is goed",…
In Jabbeke woonde een vrouw die kon toveren. Wie met die vrouw zaken deed, moest achteraf altijd vaststellen dat hij belazerd was. Niemand durfde 's avonds voorbij het huis van de heks te lopen omdat de bomen die langs de weg stonden, met hun takken…
Bij de familie K. in Muizen was er een meisje dat in het klooster was getreden. Haar vroegere vriend had haar uit het klooster gehaald en was met het meisje getrouwd. Toen de vrouw gestorven was, kwam ze spoken. Wanneer de volwassenen in het veld…
De laatste bokkenrijders hielden bijeenkomsten op de Schans in Niel. Toen ze hadden ingebroken bij de familie S., waar men net een varken had geslacht, bonden ze daar alle mannen vast. De meid, die de bokkenrijders herkend had, kreeg een prop in de…
In een klooster in Elsegem kwam Lange Jeanne spoken. Op een dag zag een man haar tegen de deur van de koeienstal leunen. Het was een lange magere verschijning met grote vingernagels. Later zat Lange Jeanne in de eikenboom. Iedere honderd jaar…
Een man had 's nachts gezien dat de heksen in Kerniel kwamen dansen rond een dikke boom, terwijl ze zongen: "De dag is voor u, de nacht is voor ons!" Korte tijd nadien is de man gestorven.
Wanneer er hars uit een den sijpelde wanneer men er met de kar tegen reed, was dat een teken dat de duivel in die den zat. Sommige bomen waren helemaal zwart van de hars; de dennen probeerden de duivel uit hun takken te verjagen door een vuurtje te…
Mensen die in een hoeve in Sint-Lambrechts-Herk woonden, waren er steevast van overtuigd dat het een slecht voorteken was wanneer er een kar met twee paarden vóór hun huis vastreed. Toen dat op een dag weer was gebeurd, waren de mensen doodongerust.…
Bij een boer in Wilskerke zag men iedere avond een doodskeers in de boom. Op een avond ging een dappere knecht naar het lichtje toe. Het lichtje zei dat het daar nog zeven dagen moest zitten. Het was een ziel die nog moest ronddolen.
In Hoepertingen stond een dikke boom die aan de god Mars was gewijd. De boom werd dan ook de 'Méas-eik' genoemd. Men geloofde dat de geesten van de god Mars plechtigheden hielden rond die boom.
Een man die een ekster in een boom zag zitten, schoot naar het dier. Onder de boom vond de man een vrouwenvinger met een ring. De volgende dag vertelde de buren: "Er ligt een vrouw in bed. Gisteravond is ze haar vinger kwijtgeraakt".
Vroeger zagen de mensen overal spoken. Als een grapjas met een uitgeholde biet en een kaars op het kerkhof ging staan of in een boom ging zitten, geloofden de mensen dat het een doodskaars was.
In Nerem had men in de buurt van de fabriek van R. een heks aan een boom gebonden. Alle mensen uit de buurt hielpen met het aandragen van mutsaarden om rond de boom te leggen. Zodra de mensen genoeg mutsaarden hadden verzameld, werd het vuur…