In Lendelede woonde een man die bang was voor een toveres uit de buurt. De man liep altijd weg als hij haar zag. Op een avond hoorde de man een stem van achter de muur van het kerkhof roepen: "Is daar iemand? Help me, help me!" De man liep weg zo…
Enkele jongens die naar een schoefert hadden gefloten, haastten zich snel naar binnen en sloegen de deur dicht. De volgende dag stond er een gloeiende hand in de deur gebrand.
Iemand had zijn geld verborgen onder een boom op zijn grond. Toen die grond werd verkocht, vond boomzager Patrice D. het geld. In plaats van het geld weer aan de eigenaar te geven, hield de boomzager het voor zich en verborg het onder een tegel. …
Een man die door het veld wandelde, riep naar een vuurman. Het volgende ogenblik werd de man door de vuurman achtervolgd. Daarop haastte de man zich snel naar binnen. De volgende ochtend stelde de man vast dat de vuurman tien vingers in de deur…
Wie naar een vuurman floot, werd achtervolgd en moest zo snel mogelijk naar een huis vluchten en de deur achter zich sluiten. De vuurman brandde zijn handafdruk in de deur.
Een knecht die op 'de donkere hoeve' in Donk werkte, zag op een avond een vuurman langs de rivier lopen. Toen de knecht had geroepen dat de duivel zijn ziel mocht komen halen, kwam de vuurman op hem af. De knecht vluchtte snel weg en sloot de poort…
Een jongen was op de Daasberg aan het ploegen. 's Middags vroeg een boer aan de jongen: "Zeg, wat voor een leeghanger liep daar de hele tijd achter je aan?" De jongen had echter niemand gezien. Toen de volgende dag weer hetzelfde gebeurde,…
Een boer had naar een vuurman gefloten en was daarna snel weggevlucht. Ogenblikkelijk bewoog de vuurman als een bliksemschicht langs de beek om een brug te zoeken. De volgende dag was de deur van de boerderij helemaal zwartgeblakerd.
Een jongen van veertien bracht veel tijd door met zijn vriend Reiner J., met wie hij zijn Communie had gedaan. Op een dag zag Reiner de vuurman, die als een grote vuurbol door de bomen vloog. Tegen beter weten in, floot Reiner naar de vuurman om…
Op de Royer molen werd vaak 's nachts gewerkt. Op een nacht zagen de molenaar en zijn knechten een vuurman. De molenaar floot op de vuurman, waarna hij zich naar binnen haastte. Kort daarna hoorden ze een luide bons op de deur van de molen. De…
Op een boerderij op 't Geneuth zag men elke avond een vuurbol verschijnen in de buurt van de maan. Eén van de mannen floot naar de vuurbol, terwijl een andere snel de deur dichtgooide. De volgende dag zagen ze dat er twee handen in de deur gebrand…
Een man kwam fluitend en zingend terug van een bezoek aan zijn vriendin. De man werd achternagezeten door een vlammetje. Het was de beruchte vuurman, waarnaar men niet mocht fluiten. De man liep snel naar de paardenstal waar hij ging slapen. De…
Een man die naar de vuurman had gefloten, haastte zich snel naar binnen en sloot de deur achter zich. De nagels van de vuurman stonden in de deur gebrand.
Dwaallichtjes waren lichtgevende gassen die uit de moerassen opstegen. De mensen geloofden echter dat dwaallichtjes de zielen van ongedoopte kinderen waren. Wie naar een dwaallichtje had gefloten, werd door het lichtje achtervolgd. Een man die…
Een vrouw vertelde aan de onderpastoor dat de vroegere onderpastoor van de Sint-Janskerk iedere avond aan haar verscheen. De vrouw kreeg van de onderpastoor de raad om aan het spook te vragen wat het wilde. Als het spook haar een hand wilde geven,…
Op een boerderij op de Kasteelberg werkte een knecht die spotte met doodkeersen. Een man die daar werkte, sprak tot de knecht: "Je mag daar niet mee spotten, je zou dat beter met rust laten!" De knecht nam dat advies echter niet ernstig. Toen hij die…
Dwaaslichtjes waren de zieltjes van ongedoopte kinderen. Wanneer men naar een dwaaslichtje had gewenkt, brandde het lichtje een zwarte hand in de deur.