Op een boerderij werkte een Duitse Schaper die 's middags altijd zijn vuil wasgoed ging wegbrengen. Om twee uur hoorde men op die boerderij altijd geluiden alsof er stro werd gehakt en voeder voor de paarden werd klaargemaakt. Op de boerderij stierf…
Op een boerderij in Stavele kon men op een dag geen boter meer maken. Die ochtend was er een tovenaar komen leuren, die zijn hand op de room had gelegd.
Duitse schapers konden toveren.
Een boer die geen boter meer kon karnen, kreeg van de pastoor de raad om zijn meid te ontslaan. Na het vertrek van de meid had de boer geen problemen meer met het karnen.
Een boerin kon geen boter meer karnen. Haar buren zeiden: "Die melk is betoverd. Je zal dat nog wel zien!" De volgende nacht zag men een oude vrouw rond het botervat dansen. Om een einde te maken aan het kwaad, moest men bidden en op bedevaart gaan.
Een heks die bij een boer op bezoek was, roerde met een lepel in de melk die daar stond. Daarop sprak de heks: "Je zal nooit nog problemen hebben met het karnen van boter".
Een boer die geen boter kon maken, zag in de kelder een dikke slak op een teil room zitten. De man werd boos en gooide de slak in de kachel. Daarop hoorde hij een luide schreeuw. Het volgende ogenblik sprong uit de kachel een buurvrouw, die zo snel…
Op een behekste boerderij kon men geen boter meer karnen. Toen de boerin een kind moest krijgen, liep het mis bij de bevalling. Sinds het bestaan van het Sint-Jansevangelie hebben de heksen geen macht meer. Mensen dragen nu ook steeds een schapulier…
Vroeger geloofden de mensen vaak dat hun kinderen betoverd waren.
Enkele mensen die geen boter konden karnen, lieten de melk door de paters overlezen. Daarna lukte het karnen opnieuw.
Op de markt verzamelt Uilenspiegel karnemelk van boerinnen in een vat, maar hij blijkt geen geld te hebben om hen te betalen. Ze moeten een week wachten op hun geld, of hun deel melk maar weer uit het vat halen. Hierop ontstaat ruzie, en Uilenspiegel…
Uilenspiegel koopt op de markt van veel boerinnen de karnemelk op; alles gaat in een grote ton. De boerinnen willen betaald worden, maar Uilenspiegel zegt dat hij nu geen geld heeft. Daarop eisen de boerinnen hun deel van de karnemelk weer terug, er…
Er was oorlog tussen de Noord-Friezen en de Denen. De Noord-Friese mannen vluchtten naar huis, waarop de vrouwen met hun pollepels en brijpotten op de Denen afstormden. Zo wonnen zij uiteindelijk de strijd.
Een juffrouw vraagt een meisje hoe het met haar zieke moeder gaat. Het meisje antwoordt dat het met de moeder wel gaat maar de vader gedraagt zich de laatste tijd erg vreemd: hij zit elke avond een half uur met zijn penis in de karnemelk.
Als een boerenknecht langs de slootkant plast, wordt hij in zijn penis gestoken door een wesp. De boer raadt de knecht aan de penis in een glas karnemelk te hangen. De knecht verzwijgt waarom hij de karnemelk nodig heeft en trekt zich terug in de…
Een man stelt voor om te gaan roomsteken. De andere man vat het dubbelzinnig op in verband met zekere juffers en beweert dat het eerder karnemelksteken zal worden, want de room is er al af.
Een vrek had een onverstandige man kaalgeplukt. Omdat hij hem nodig had, moest hij hem weer omkopen met grote giften. Een ander sprak hem daarop aan. De vrek was met die man omgegaan als met karnemelk. Eerst karnt men de boter tot de laatste druppel…
De heer Van Zuijlichem kreeg eens ergens karnemelk. De gastheer/vrouw zei hem dat het botermelk was. De heer zei dat hij dat kon proeven, en dat hij er nog een klomp in zou doen.
Een man, die een koopman voor de grap houdt, wordt door de koopman op de schouder geklopt met de woorden: "Je bent nog niet thuis, mannetje." En de man moet 's avonds dwalen en komt pas 's morgens thuis.
De ziel van een melkmeisje waart nog steeds omstreeks middernacht rond uit wroeging voor haar vroegere daden. Zij heeft namelijk melk met water vermengd om meer winst te maken.
Het is een bekend feit dat de stroom tussen Walcheren en Schouwen aan zijn naam de Roompot kwam, omdat de melkmeisjes van Schouwen de room of karnemelk zo maar over dit water heen aan de boeren van Walcheren gaven.
Tovenaar laat iemand raden wat hij te drinken krijgt. De man proeft steeds iets anders maar in werkelijkheid krijgt hij elke keer hetzelfde te drinken.
In het huis van de verteller was, toen hij en zijn vrouw er in kwamen wonen, de vloer nog niet van hout, maar van tegels. Een oud mannetje van dichtbij kwam hen elke morgen karnemelk brengen. Ze vertrouwden hem niet. Ze konden 's nachts ook geen oog…
Ter gelegenheid van een feest kwam een pastoor eten bij een boer. Met zijn allen zitten ze rond een groot bord met karnemelkse gortepap. De pastoor vindt dit echter geen feestmaal, waarop de boer antwoordt dat ze normaal twee pollepels gortepap…