Toen in Reningelst een vrouw werd begraven, over wie men geloofde dat het een heks was, woedde er een hevige sneeuwstorm. Het weer was zo slecht dat men de kist niet met de kar of zelfs niet met de slee naar het kerkhof kon brengen. Enkele mannen…
Een man die in Frankrijk verbleef, kwam naar huis omdat hij had vernomen dat zijn broer ziek was. In de trein zag de man een ekster tegen de ruit vliegen. Dat was een slecht voorteken. Toen de man thuiskwam, stelde hij vast dat zijn broer overleden…
Vier leden van de bende van Bakelandt pleegden een inbraak bij een pastoor die ten noorden van Ieper woonde. De rovers namen allerlei zaken mee, waaronder de tabak van de pastoor. Bij een pastoor in Oostvleteren brak de bende ook in. Overdag kwamen…
Van bij het Waterhof in Houtave vertrok een onderaardse gang naar een andere Tempeliershoeve. De boer die in die hoeve woonde, hoorde 's nachts vaak iemand poetsen en dorsen. De Tempeliers waren slechte mensen omdat ze rijk waren en omdat ze zich…
De processie van Sint-Jan kon begin juli niet plaatsvinden omdat het weer te slecht was. Toen de gelovigen de volgende ochtend in de kerk kwamen, zagen ze dat de onderkant van het Mariabeeld vol modder hing. Sinds dat voorval durft men de processie…
Ten zuiden van de kerk van Beveren stond een kasteel waar twee broers woonden. Die twee broers gingen elk langs een andere ingang de kerk binnen. Op een nacht hielden de broers een groot feest met een heus drinkgelag. Die nacht is het kasteel in…
's Avonds zag men in het veld vaak dwaallichtjes. Dat waren de zielen van overledenen die moesten komen spoken omdat ze iets slechts hadden gedaan of omdat hun familieleden een belofte niet hadden gehouden.
Een man uit Schulen had een dochter die in Brussel als heks leefde. Op haar sterfbed weigerde de vrouw te biechten. Na haar dood zag de vader een zwarte hond.
In Beert stond een huis waar het spookte. De deuren vlogen open en de matras van het bed vloog in de lucht. Men vertelde dat de vrouw die in dat huis woonde, veel slechte boeken las. Uiteindelijk heeft men de pastoor laten komen. Nadat de pastoor dat…
Een meisje dat in Kessenich naar de catecheseles ging, had muizen gemaakt die door de kerk liepen. Toen de pastoor dat had opgemerkt, zei het meisje: "Ik kan nog meer", en ze stak een speld in haar pols zonder dat er een druppel bloed vloeide. Het…
Op een zondag sprak de pastoor tijdens zijn preek over slechte mensen en slechte boeken. Nog vóór de pastoor in detail had kunnen treden, stond een jezuïet-tovenaar in de kerk recht en riep: "Je bent laf meneer pastoor, je bent laf!"
Een meisje dat snoep had aangenomen van een heks, werd alsmaar magerder en magerder. Pastoor Z. gaf de ouders de raad om het meisje te laten overlezen door de paters van Wijk. Nadat men dat had gedaan, ging het al iets beter met het meisje. In het…
Op een boerderij in Meise woonden drie of vier zonen die veel vloekten. Op die boerderij gebeurden vreemde dingen. Zo waren de koeien en de paarden altijd zeer onrustig in de stal. Toen de boer naar de paters Benedictijnen in Dendermonde ging, kreeg…
Een man die slechte boeken bezat, die hij in Brussel had gekocht, werd door een vreemde kracht uit de herberg getrokken en door een doornenhaag gesleurd. Die man kon nooit in de mis zijn vóór men het evangelie begon te lezen. De man had al geprobeerd…
In Lokeren woonde een rijke man die veel weggaf aan de arme mensen. Toen die vrijmetselaar was gestorven, bleven de nonnen bij zijn lijk waken. Op eens hoorden de zusters lawaai in de kamer. De dode vrijmetselaar was aan het vechten met een hond. Na…
Er bestond een liedje over de onthoofding van de rovers van Pollet. De rovers van de bende van Bakelandt waren echter nog slechter. Ook zij werden onthoofd.
Een tovenaar was bij slecht weer aan het metselen, toen een voorbijwandelende pastoor zei: "Maar X, je hoeft bij zo'n slecht weer toch niet te metselen!" Daarop antwoordde de tovenaar: "Maar meneer pastoor, je hoeft niet zo snel te lopen, want je zal…
Om een vrouw met slechte bedoelingen buiten te houden, hingen de mensen een prentje van het Heilig Hart boven de deur. Op die manier waren ze beschermd tegen het kwaad.
Op het kasteel van Kwaremont woonde vroeger een heer die niet graag gezien was omdat hij de mensen slecht behandelde. De zonen van de kasteelheer bezaten elk een gedeelte van het bos. Eén van die zonen liet de mensen nog liever sterven dan hen een…
In Aartrijke stond een boerderij waar men tijdens de slechtste jaren de mooiste kolen had. Niemand kon daar een kool stelen, want 's nachts veranderden de kolen merkwaardig genoeg in hoopjes aarde.
Twee bultenaars gingen in de cafés optreden als muzikant. Toen één van de muzikanten op een avond naar huis kwam, zag hij zwarte katten in een kring dansen. De muzikant besloot voor de katten een vrolijk deuntje te spelen. De katten vonden de…
's Avonds zag men vaak maanlichtjes. Dat waren geesten van verdwaalde of doodgeboren kinderen. Soms was het ook een voorteken van een ernstige gebeurtenis.