Een man had beloofd dat hij op bedevaart zou gaan naar de drie zusters in Bertrée. De man was echter gestorven vooraleer hij zijn belofte had kunnen nakomen. Daarom ging de broer van de overleden man op bedevaart naar Bertrée. Vóór zijn vertrek…
In de weide langs de weg naar Repen spookte het. Een man die daar voorbijkwam, werd gevolgd door een grote zwarte kat. De man had naar de kat geslagen, maar het dier bleef vóór hem lopen. Daarop liep de man snel naar huis.
In Eindhout liep een kettinghond rond. Enkele vrouwen die 's avonds naar huis kwamen, werden gevolgd door een hond. Ze geloofden dat het de kettinghond was.
Een man die naar de vuurman had gefloten, vluchtte snel naar huis. Even later hoorde de man een luide slag op de deur. Toen hij ging kijken, zag hij dat er een grote cirkel in de deur gebrand stond.
Op de Knok was een jong gezin komen wonen. Op een koude winteravond vond de man zijn vrouw dood in de sneeuw. De vrouw lag op haar buik en had met haar handen in de sneeuw gegraaid. Sporen van een reusachtige hond leidden naar het lijk. Enkele mensen…
Een veearts die kon toveren, reed met zijn paardenkar over een weg waarlangs twee mannen op het veld aan het werk waren. Eén van de mannen besloot de veearts een poets te bakken en hij zorgde ervoor dat de paarden niet meer voort konden. De veearts…
Wanneer Nessel T. in het beukenbos ging stropen, kon hij door geen enkele politieagent opgepakt worden. Wanneer men hem op de hielen zat, veranderde Nessel zich in een beukelaar.
Aan de weg bij het kapelletje verscheen altijd een zwarte hond, die elke voorbijganger achterna liep. Op een dag wandelde een zekere Pieter K. over die weg, toen ook hij de hond achter zich aan kreeg. Hij maakte een kruis over de hond, waarna het…
Een vrouw die 's avonds samen met een vriend een zak konijnenvoer vervoerde, zag in het oosten een rode bol uit de grond komen. Het tweetal liep snel weg. Even later was de vuurbol verdwenen. Ten tijde van de Spanjaarden zag men ook vaak vuurbollen,…
Een man werd in het Wegenstraatje gevolgd door een grote hond met een ketting. De man sloeg het beest met een mestvork. De volgende dag lag op die plaats bloed op de grond. De mensen vermoedden dat die hond een weerwolf was.
Twee jongens waren in de schuur aan het dorsen. Eén van de jongens deed voor de grap een strop rond zijn hals alsof hij zich wilde ophangen. De andere jongen moest zijn kameraad komen bevrijden als het spel uit de hand zou lopen. Even later kwam er…
De witte juffrouw was iemand die met een laken over het hoofd langs de weg naar Scherpenheuvel zat. Iedereen was bang voor de witte juffrouw, want ze liep naar alle voorbijgangers toe.
Vroeger waren er veel bossen in de streek rond Ardooie, Koolskamp en Lichtervelde. Een koeienhandelaar die met zijn hond in die bossen verzeild was geraakt, ging in een herberg kaarten. Hij wist echter niet dat de rovers van Bakelandt ook in die…
Toen Janneke G. met de kar naar Luik reed, werd hij gevolgd door een kat. In Vreren stapte Jan van de kar en sloeg naar de kat, die tegen de muur zat. Het volgende ogenblik stond er een vrouwtje tegen de muur, dat de man vroeg of hij dat nog een…
Mensen die door de maal werden bereden, zagen 's nachts in hun droom een bliksemschicht waarin ze een persoon zagen verschijnen. Vervolgens voelde men de handen van die persoon op de keel, zodat het moeilijk werd om te ademen. Wie door de maal was…
Een schrijnwerker uit Meeuwen zag 's avonds een miauwend katje langs de weg zitten. De man sloeg de kat met een stok van de weg. Het volgende ogenblik werd de man gevolgd door een hele troep katten, waardoor hij in een schuur moest overnachten.
Twee mensen die naar het lof gingen, werden gevolgd door een zwarte kat. Eén van de mensen sloeg het dier een poot over. De volgende dag had de heks een gebroken been.
Op de Kruissteenweg werd een man tussen middernacht en één uur gevolgd door een grote zwarte hond met glinsterende ogen. De hond kwam van de Kruispoort en zat elke nacht op het fietspad de man op te wachten.