Enkele jongens die vis naar huis gingen brengen, zagen bij de waterput een lichtje dat hen naar de duinen begeleidden. Het lichtje heeft nooit iets gezegd.
Enkele mannen waren met een kar haring gaan halen. Toen ze terugkwamen, sprong de pastoor achterop de kar. "Maar meneer pastoor, u moet daar toch niet gaan aan hangen", zeiden de mannen, "kom toch hier zitten". Daarop zei de geestelijke: "Neen,…
In de jaren 1886-1900 kwam in Blankenberge een vrouw met vis leuren. Men vermoedde dat die vrouw een heks was. Daarom waagde geen enkel kind het bij haar in de buurt te komen. In werkelijkheid had die leurster niets met hekserij te maken. De ouders…
In Oostende woonde een heks die een wit mutsje en een kapmantel droeg. Wanneer die heks 's ochtends bij het schip vis was komen kopen, dan vingen de vissers die dag helemaal niets. De mensen vertelden dat die heks veel toverboeken bezat. Ze kon de…
Toen Sint-Pieter zijn apostelen wilde leren vissen, greep hij naar een schelvis. De wijsvinger en de duim van Sint-Pieter waren in de vis gedrukt. Vandaar dat enkel schelvissen op die plaats een soort vingerafdruk hadden.
Een vrouw ging samen met een buurvrouw vis kopen. Onderweg zagen de vrouwen hoe een man tegen de muur van het kerkhof ging plassen. De vrouwen besloten de man een poets te bakken en namen zijn hoed van zijn hoofd. Daarop liep de man doodsbang weg,…
In Oostende woonde een toveres die altijd rondliep met een mandje vol garnalen. Het was een lelijke vrouw die een hoedje droeg en sproeten had. De vrouw vroeg vaak vis aan de vissers, in ruil waarvoor ze hen wat thee gaf. Omdat iedereen bang was voor…
Een meisje was ziek geworden na het eten van de vellen van een droogvis. Omdat het meisje betoverd was, ging haar moeder met haar naar de pastoor. Het meisje woonde dan ook meteen de catecheseles bij. Toen het meisje thuiskwam, was ze weer gezond.
Mit had al vaak bezoek gekregen van een vrouw die met vis kwam leuren. Omdat Mit vermoedde dat de leurster een heks was, liet ze de vrouw niet meer binnen. Een tijdje later kwam de zoon van de heks leuren. De man had Anna, de dochter van Mit, een…
Sint-Pieter had een schelvis gevangen en hij had die vis achter zijn rug verborgen. In de nek van iedere schelvis kan men nog steeds de afdruk van de wijsvinger en de duim van Sint-Pieter zien staan.
Wanneer de vissers met hun sloepen waren aangemeerd, stond er altijd een vrouw op de kade te wachten om hen wat vis af te troggelen. Omdat men verelde dat die vrouw een heks was, durfde niemand haar iets te weigeren. Op een dag besloten enkele jonge…
Toen er op een dag een kar met vis door Weert reed, viel er per ongeluk een rog van de kar. Omdat de mensen nog nooit een dergelijk dier hadden gezien, durfden ze niet dichterbij te komen. Na een tijdje had toch iemand de moed om de vis met een…
Een man die een grote vijver had, bracht zijn vis met de kar naar Maastricht. Onderweg bleef het paard plots stilstaan. Het dier werd tegengehouden door het spook van een man die op die weg was verongelukt.
Enkele mensen hadden een spartelende vis op de weg zien liggen. De pastoor stelde vast dat het een rog was en legde het dier op een zakdoek. De mensen waren zo bang, dat ze de hele tijd riepen: "Steek die vis met een mestvork!"
Een visverkoopster die in de vismijn werkte, had een vrouw uit Gent als klant. Wanneer die vrouw een prijs voorstelde, moest de visverkoopster haar vis met verlies verkopen; anders werd ze door de vrouw behekst.
Enkele Ijslandvaarders waren met Franse schepen op zee om kabeljauw te vangen. Eén van de vissers vond het vreemd dat hij helemaal niets ving, terwijl de anderen daar geen probleem mee hadden. Die visser vloekte echter de hele tijd. Even later vond…
Wanneer het volle maan was en men mocht gaan dansen, waren de mensen bang voor geesten. De geesten konden zich verbergen in de wagens die op de kaai stonden om de vis weg te voeren. Een meisje uit Oostende zag in de gang een gedaante die plots…
Van Witte Donderdag tot Paaszondag mochten de vissers uit Blankenberge niet in zee gaan. Als ze dat toch deden, dan troffen ze allemaal doodskoppen aan in hun netten. Op een dag probeerde een spaarzame vrouw haar man toch te overtuigen om in zee te…
In Westkapelle woonde een vrouw die een toverboek bezat. Een visverkoopster stelde vast dat die vrouw altijd stiekem de beste vis uitzocht. Op een dag sprak de visverkoopster tot de vrouw: "Jij bent een deugniet!" De volgende dag verkocht de…
Enkele vissers hadden in Blankenberge zo'n zeshonderd kilo vis scharding verkocht. De vissers hadden gezien dat enkele vrouwen tegen elkaar stonden te fluisteren. Ze wisten echter niet dat één van die vrouwen de dochter van een heks was. De…