Een man die in en huisje van takken en leem woonde, had altijd een fles jenever bij zich, wanneer hij bij een dode moest waken. Wanneer hij halfdronken was, kon de man de stank beter verdragen. Een grapjas had een koord rond de doodskist gebonden…
De mensen vertelden dat in een veldweg in Hees een spook ronddwaalde. Op een avond moest een jongen iets in het veld gaan halen, waardoor hij langs de beruchte veldweg moest gaan. De vrienden van die jongen hadden zich als spook verkleed en…
Vroeger zette men 's avonds vaak kaarsjes buiten om de mensen te doen denken dat ze een dwaallichtje hadden gezien. Wanneer de grapjas merkte dat hij door iemand werd benaderd, doofde hij de kaarsjes snel.
Vroeger gebeurde het vaak dat grapjassen met een laken over hun hoofd op het kerkhof gingen zitten zodat voorbijgangers zouden denken dat ze een spook hadden gezien.
Enkele jongemannen wilden een meisje bang maken. De jongens zetten iets in de haag met vier kaarsen errond en verstopten zich wat verderop. Toen het meisje de vreemde verschijning zag, hield ze op met zingen, pakte haar stok en zei: "Ben je van…
Waterduivels waren grappenmakers die met kettingen lawaai maakten langs de gracht. Op een dag werd zo'n grappenmaker afgeranseld door een dappere boer.
Een grappenmaker uit Lissewege ging vaak in een gracht met een ketting rammelen om voorbijgangers bang te maken. Op een dag werd de grapjas echter door een dappere man in het water gegooid. De grapjas maakte zich bekend, maar de man geloofde hem niet…
Vroeger waren er mensen die met een laken over hun hoofd langs de kant van de weg gingen zitten en daar voor spook speelden. Wanneer zo'n grapjas eens een afranseling kreeg, moest hij zich bekend maken.
Doodkaarsen waren uitgeholde rapen waarin men een kaarsje had gezet. Soms bond men de doodkaars vast aan een stok. Op die manier probeerden de jongens elkaar bang te maken.
In Ramskapelle hadden enkele grappenmakers een mand aan een koord gehangen een een wit laken over die koord gedrapeerd. Op die manier lieten ze de mand de hele tijd heen en weer bewegen. Voorbijgangers die naar de mis gingen, raakten verdwaald van…
Een dronkaard kwam iedere avond met een stuk in zijn kraag voorbij de Peperbus, die ook wel 'het vagevuur' werd genoemd. De man zei dan altijd: "Goedenavond God". Op een avond schrok de dronkaard toen hij hoorde antwoorden: "Goedenavond dronkaard".…