Men sprak erover welk volk het minst bekwaam was Frans te leren. Iemand zei dat de Engelsen te verwijfd spraken en de Duitsers te zwaar. Wat hij tot slot zei is doorgehaald.
Blauwe Gerrit is een plaaggeest. Hij gaat het liefst op een wagen zitten, en wordt dan vervolgens zo groot en zwaar, dat het paard de wagen niet meer vooruit krijgt.
Oorsprongssage over waarom de Zierikzeeer een 'Steenkaper' wordt genoemd en ook 'Torenkruier'.
Het verhaal waarom men hen Schapekop of koedief noemt is verloren gegaan. Verder uitleg over Zierikzeese jicht en de uitspraak: naar Zierikzee gaan om…
Een man, die een koopman voor de grap houdt, wordt door de koopman op de schouder geklopt met de woorden: "Je bent nog niet thuis, mannetje." En de man moet 's avonds dwalen en komt pas 's morgens thuis.
Ossaart braadt 's nachts vissen in de as van een visser en deze legt op 'n keer paardemoppen op de haard, zodat de vissen van Ossaart vies worden en hij vloekend ervandoor gaat, maar hij wreekt zich door in het net van de visser paardemoppen te…
Zeebijgelovigheden: lijken overboord zetten met alle bezittingen; dek in de lengte, niet in de breedte bewandelen, hoefijzer aan de mast spijkeren tegen heksen
Knecht merkt dat een paard de wagen met bieten moeilijk kan trekken. Hij vult een zak met bieten, neemt die op de rug, staat er mee op de wagen en zegt dat het paard dit niet hoeft te trekken.
Man kan met een zwaar beladen wagen de bocht niet nemen. Door de wagen op zijn rug te nemen zet hij de achterkant zo neer dat de wagen de bocht kan nemen.
Verteller gaat samen met zijn vader en nog een man vissen. Ze horen een gil uit het water en tegelijkertijd springt er een grote karper over het net heen. Op deze dag vangen ze ook nog drie snoeken van 25 pond.
Een tovenaar ging met een groep vrienden varen. De roeiboot bleef echter bewegingsloos liggen, hoe hard men ook roeide. Toen de tovenaar zelf ging roeien kwam de boot wel vooruit, hij had hem namelijk zelf betoverd.
30. De engel bezorgt Liedewij een tak van een cypresseboom uit het paradijs
Liedewij had een hennepstengel waarmee ze gordijnen rond haar bed opende en sloot en op de muur klopte, als zij hulp behoefde. Tijdens de grote brand in Schiedam waren…
Een schip geladen met een beeld van Onze Lieve Vrouw is zo zwaar dat het schip niet kan wegvaren. Het beeld wordt verkocht aan de kerk in Schiedam, Liedewy komt bij het beeld bidden. Als haar vader veel aanzoeken voor een huwelijk met haar krijgt,…
Strenge dominee krijgt per ongeluk een glas jenever. Na het proeven drinkt hij het glas helemaal leeg en laat daarna zingen dat men nog niet naar huis gaat.
Jan Hepkes krijgt een snoek aan de hengel die zo zwaar is dat hij in de vaart getrokken wordt, en omdat hij de hengel vasthoudt door de snoek wordt meegetrokken.
Een grote en een kleine man krijgen ruzie, waarop de grote besluit de ander in een zak te stoppen en te verdrinken. Terwijl hij onderweg gaat plassen wordt de kleine man bevrijdt. De grote man verbaast zich over de zware zak, door de kleine man met…
Bewoners van spookhuis roepen hulp van pater in. Na bidden haalt hij iets achter een schilderij weg, doet het in een doosje, en rijdt naar de veerpont. Het doosje is zo zwaar dat de paarden de koets bijna niet kunnen trekken en de veerpont zakt…
Na bidden en zegenen van spookhuis door pater haalt pater iets uit de bestee, doet het in een doosje. Met het doosje stapt hij in een roeiboot die dan sterk zakt. Nadat de pater het doosje in het water heeft gegooid stijgt de roeiboot. Daarna is de…
Bij een plaats waar het heet te spoken springt de duivel op een wagen waardoor het paard stilstaat van angst. Na bidden door de voerman kalmeert het paard en loopt weer. Nadat de duivel van de wagen af is loopt het paard weer gewoon.
Man schopt zwarte kat die met hem meeloopt, waarop de kat op zijn borst springt. Tot huis blijft de kat, die steeds zwaarder wordt, zitten en verdwijnt dan.
Veerman denkt dat hij de duivel heeft overgezet als de roeiboot zwaar wordt alsof er een onzichtbaar iemand opgestapt is en aan de overkant weer licht wordt.