In de buurt van het Nunnebos zagen enkele jongens altijd een lichtje tussen de takken bewegen. "Dat is een doodkeers", zei de oom van één van de jongens, "je moet er eens naar wenken. Het lichtje zal dan dichterbij komen en met een bons tegen de deur…
Naar een dwaallicht mocht men niet wenken, zo vertelde men. Een roekeloze man die 's avonds buiten stond, wenkte echter toch naar een dwaallichtje. Toen hij zag dat het lichtje heel snel dichterbij kwam, vluchtte de man snel naar binnen. Even…
Een vrouw die in het donker naar huis wandelde, schrok bij het zien van een witte gedaante die wenkte. Doodsbang snelde de vrouw naar huis, gevolgd door een hond. De volgende dag werd de vrouw aangesproken door iemand die zei: "We hebben je gisteren…
De vuurman was een vuurbol die vonken van zich af schudde, maar nooit iets in brand stak. Hij deed de mensen ook nooit kwaad als ze niet naar hem floten of wenkten. Als de vuurman je achtervolgde, moest je je snel uit de voeten maken.
Op een dag zag men in Harelbeke sterren op een grote boom. Een man sprak tot zijn knechten: "Jullie moeten eens wenken naar die sterren". Toen één van de knechten dat had gedaan, kwam de ster aangevlogen. De knecht vluchtte naar binnen en de ster…
Een jongen ging aan zijn vader vertellen dat er een lichtje op de molen zat. De molenaar wenkte naar het licht, waarop het snel kwam aangevlogen en tegen de deur botste. "Ga nu de zeilen maar van de molen halen", zei de molenaar. Dat durfde de jongen…
In Zandvoorde stond een molen waarop een lichtje zat. Toen de zoon dat aan zijn vader had verteld, zei deze: "Ja, jongen, ik ga naar het lichtje wenken". Zodra de vader had gewenkt, kwam het lichtje aangevlogen en botste tegen de deur. "Ga nu de…
Wanneer er iemand bij je kwam staan, iets tegen je zei of naar je wenkte en ondertussen zijn hand boven zijn hoofd hield, dan moest men oppassen. Er waren immers nog altijd mensen die door de duivel bezeten waren.
Je mocht nooit naar een dwaallichtje wenken, want dan kwamen er veel dwaallichtjes op je af.
Een man had een keer een zieltje kunnen verlossen door te zeggen: "Ik doop je alleen." Daarop schoot het dwaallichtje omhoog, waarna het verdween.
Dwaaslichtjes waren de zieltjes van ongedoopte kinderen. Wanneer men naar een dwaaslichtje had gewenkt, brandde het lichtje een zwarte hand in de deur.
Een werkman die naar een doodkeers had gewenkt, sloeg in paniek de deur dicht. Daarna stond er een hand in de deur gebrand. Toen men een nieuwe deur had gehangen, stond de handafdruk er merkwaardig genoeg ook in. In de grond vond men een pot geld.
Als men naar een doodkaars had gewenkt, dan kwam de kaars dichterbij. Als men dan niet snel weg was, dan kreeg men een slag waar men duizelig van werd.
Een man die in een molen aan het werk was, wenkte tegen beter weten in naar een doodkaars. Toen het lichtje even later dichterbij kwam, vluchtte de man naar binnen en sloeg de deur dicht. De doodkaars brandde een handafdruk in de deur.
Een man die een paar dwaallichtjes boven een bos zag zweven, wenkte naar één van de lichtjes. Daarop schoot het dwaallichtje onmiddellijk naar de man toe. De man vluchtte weg en kon nog net op tijd zijn huis bereiken. Nadat hij de deur achter zich…
Twee jongens die op een avond zaten te wachten tot hun ouders thuiskwamen, zagen een doodkaars ronddwalen. Zodra de oudste jongen naar de doodkaars had gewenkt, was er een luide bons op de deur te horen. De volgende dag stond er een hand in de deur…
Een man zag boven een ven tientallen dwaallichtjes zweven. Toen de nieuwsgierige man naar één van de dwaallichtjes wenkte, kwamen ze allemaal op hem af. De man vluchtte naar huis en sloot de deur achter zich. Ogenblikkelijk hoorde de man een luide…
Man ziet op kerkhof een lijkstatie met voorop een witte gedaante die hem wenkt. Een paar weken later sterft zijn vader en als hij in de kist ligt ziet de man dat zijn vader de gedaante op het kerkhof was.
Een spook sluit een dappere man op in een onderaardse gang die te bereiken is vanuit diens eigen kelder. De man wacht 23 uur voordat het spook terugkomt. Het spook haalt een schat tevoorschijn die de man moet verdelen tussen de kerk en hemzelf. Zo…
Een vrouw krijgt 's nachts in haar kelder bezoek van een vrouwelijke gedaante. Die vertelt haar dat er een schat in de kelder verborgen ligt: twee potten geld, waarvan ze er een aan de kerk moet schenken en de ander zelf mag houden. Vanaf nu zijn de…
Als een vrouw van een tweeling bevallen is, ziet zij tot haar ontzetting een oude vrouw met een neepjesmuts over de wieg gebogen zitten. De volgende keer als de vrouw bevalt, blijft de man bij haar. Nu zien zij de oude vrouw allebei. De vrouw wenkt…
Op een avond komt een persoon, bleek en mager als een geest, een huis binnen en verlangt dat de aanwezige man zich laat scheren. Na enkele malen aandringen durft de man niet meer te weigeren. Het scheren gaat op de gewone manier, maar de handen van…