Een kleine jongen stak zijn zakgeld altijd in een collectebus bij een Christusbeeld. Hij wist nog niet dat die bus bedoeld was om het geld voor de kaarsjes die men had gebrand, te betalen. Omdat de jongen medelijden had met Onze Lieve Heer die zoveel…
Als men vroeger in het donker een stallicht zag en ernaar wees, dan kwam het licht dichterbij. Daarna bonsde het licht zelfs op de deur. In werkelijkheid waren die lichten vaak lampen van stropers.
Een vrouw die naast het kerkhof woonde, maakte vreemde dingen mee. Toen de vrouw 's avonds de vensterluiken wilde sluiten, zag ze op het kerkhof gedaanten zweven. Omdat de gedaanten dichterbij kwamen, ging de vrouw snel naar binnen en sloot de…
In de Gavers zat altijd een doodkeers. Dat lichtje zweefde van de ene boom naar de andere. Een jongen kreeg van zijn moeder de raad om niet naar het lichtje te wenken. Toen het lichtje al vier opeenvolgende dagen was verschenen, wenkte een…
Bij een huisje in de buurt van de Wallemolen zag men een klein lichtje, dat door de mensen een 'doodkaars' werd genoemd. Toen men naar het lichtje had gewenkt, kwam het steeds dichterbij. Het volgende ogenblik weerklonk er een luide bons op de deur…
Op het Vlèruskot werkte de duivel in de gedaante van een knecht. De ploeg werkte er vanzelf en de koeien waren vaak met hun staart aan de balken vastgebonden. Toen de boerin op een dag pap met look had gekookt, sprak Vlèrus: "Vlèrus eet geen pap…
Bij het Kruis in Beveren-Leie stond een lindeboom waarin iedere avond een lichtje zat. Een man die naar het lichtje had gewezen, zag het lichtje steeds dichterbij komen. De man vluchtte naar binnen en sloeg de deur dicht. Daarna hoorde hij een luide…
Een man zag in de Driesstraat in Wolvertem een groot licht dat alsmaar dichterbij kwam. Opeens was dat licht verdwenen. Wat verderop kwam de man een zwarte kat tegen. Hij schopte naar het dier omdat het hem de hele tijd voor de voeten liep. Even…
In Steenkerke stond een boerderij die zo erg betoverd was dat de pastoors machteloos waren. De geestelijken hadden het kwaad verbannen naar een uithoek van het land, maar iedere dag kwam het een voetstap dichterbij.
Een man die in de verte een stallicht zag, wees naar de verschijning. Daarop kwam het licht naar hem toe. De man vluchtte weg en sloot zich op in zijn huis.
Stallichten waren wellicht vaak sterren of de maneschijn.
Op het Vlèruskot spookte het. Als de meiden en de knechten naar de kermis wilden gaan, dan hielp Vlèrus hen met het werk. Als ze echter naar de mis moesten gaan, dan werkte Vlèrus hen tegen. Uiteindelijk heeft de boerin Vlèrus verbannen naar het…
Op het Vlèruskot werkte een knecht die kon toveren. Als de vrouwen naar de kermis wilden gaan, dan hielp de knecht altijd met het werk. Als ze echter naar de mis moesten, dan zorgde de knecht ervoor dat het werk niet klaar geraakte. De pastoor…
Vroeger huisde Lange Jeanne in de Schelde, waar ze iedereen in het water trok. Toen er meer en meer schepen voorbijkwamen, verhuisde Lange Jeanne naar de vochtige weiden. Ieder jaar kwam ze een voetstap dichterbij. Op een dag heeft men haar gepakt…
Enkele jongens zagen altijd een lichtje in de vorm van een raap door de lucht zweven. Wanneer de jongens dichterbij kwamen, week de raap achteruit, maar ze verdween nooit helemaal.
Op een boerderij in Meulebeke spookte het. Toen de zoon op een dag over het weggetje liep, kreeg hij van een onzichtbare gestalte een oorveeg. Toen de jongen thuiskwam, werd hij ziek en gaf hij zelfs bloed op. Omdat men vermoedde dat de plaats onder…
Een pastoor die op een avond terugkwam van een feest in Knesselare, zei: "Flabbaart met al uw macht en kracht, als je dat kunt, gooi mij dan eens in de gracht". Even later lag de geestelijke in het water. De pastoor heeft Flabbaart verbannen naar de…
In de buurt van het Nunnebos zagen enkele jongens altijd een lichtje tussen de takken bewegen. "Dat is een doodkeers", zei de oom van één van de jongens, "je moet er eens naar wenken. Het lichtje zal dan dichterbij komen en met een bons tegen de deur…
De paters van Tollentijn hadden gehoord dat hun medepaters door een onzedige vrouw waren verleid. Eén van de oudste paters is dat klooster dan komen overlezen. Lange Jeanne werd verbannen naar een fles op de plaats waar ze de paters had verleid. …
Een man die op een avond langs de weiden naar huis ging, zag een lichtje branden. Toen de man dichterbij kwam, zei hij: "Ben je door God gezonden, spreek dan. Ben je door de duivel gezonden, ga dan terug vanwaar je gekomen bent". Het volgende…
In Knokke was een plaats waar het spookte. Men zag in de verte een licht. Wanneer men dichterbij kwam, zag men dat het een café was, waar men gepraat en gerinkel van glazen hoorde. Omdat de weg altijd werd versperd door doornen, was het onmogelijk…
Een man die op een avond terugkwam van Stal, had geen lucifers meer om zijn pijp aan te steken. Onderweg zag de man vuur op een zwarte hoop. Toen de man dichterbij kwam, liep de hoop weg.