Bij een jood werkte een poetsvrouw. De jood was verliefd op de vrouw, maar zij wilde niets van hem weten. Op een dag had de vrouw haar korset uitgedaan omdat ze erg bezweet was. De jood had het kledingstuk weten te bemachtigen en ging ermee naar een…
Een jongen uit Beek ging vaak op hazenjacht. Op een dag kwam de jongen kwaad binnen in een café waar zijn vrienden zaten te kaarten. "Ik zal de heksen leren. Ik kon de duivelskinderen maar niet vangen, maar nu zal ik ze eens te slim af zijn!", zei…
Enkele jongemannen wilden een meisje bang maken. De jongens zetten iets in de haag met vier kaarsen errond en verstopten zich wat verderop. Toen het meisje de vreemde verschijning zag, hield ze op met zingen, pakte haar stok en zei: "Ben je van…
In een holte onder een huis op de Moorsberg, die ook wel 'het Doolhof' werd genoemd, woonde een oude vrouw die de naam 'Die G.' had gekregen. De vrouw had een lange puntige neus en een kromme rug. Die G. was een heks die zichzelf in een kat kon…
Bij een man uit Koksijde zag men altijd kaarsjes branden. Toen men een kapelletje aan het huis van de man had gehangen, heeft het er niet meer gespookt.
Op een boerderij in Tielt spookte het. Wanneer men een dier in het koetshuis had gezet, lag het de volgende ochtend altijd dood. Iedere zeven jaar moesten de paters van Tielt komen om het spook te verbannen naar de verste uithoek van het landgoed. Na…
In een boerderij in Beverst had men de gewoonte om na het eten de rozenkrans te bidden. Vooraleer men was begonnen met bidden, vond men een zwarte hond met dikke poten onder de tafel. Toen de mensen klaar waren met het gebed, was de hond plots…
Een Belg die soldaat was geweest in Frankrijk, zat in café 'Het Katje' te pochen dat hij voor niets meer bang was. In het kader van een weddenschap nam Frans de uitdaging aan om in een bespookte boerderij te gaan overnachten. 's Avonds begon Frans…
Bij V.G. hoorde men om elf uur 's avonds altijd een hels lawaai op de zolder, waardoor niemand nog in de buurt van het huis durfde te komen. Op een avond gingen twee mannen met een kaars in de hand een kijkje nemen op de zolder. Vreemd genoeg werd…
Een tovenares zette altijd brandende kaarsen op haar zolder. Toen de vrouw op een dag een korf met eieren liet vallen, was er merkwaardig genoeg geen enkel ei gebroken.
In een huis in Vlijtingen verscheen elke nacht een spook dat zijn geld kwam tellen. Op een nacht was een man het spook gevolgd met de woorden: "Jij moet voorop gaan!" De man droeg een gewijde en een ongewijde kaars in zijn handen. Toen het spook…
Enkele jongemannen vertrokken tijdens de zomer omstreeks half twaalf 's nachts met de paardenkar. Toen het gezelschap bijna in Kerkhoven was, werd één van de mannen doodsbang. Hij had een hond gezien, die zo groot was als een kalf, en twee kaarsen…
Doodkaarsen waren uitgeholde rapen waarin men een kaarsje had gezet. Soms bond men de doodkaars vast aan een stok. Op die manier probeerden de jongens elkaar bang te maken.
In Veurne zag men 's avonds altijd een kaars heen en weer bewegen. De mensen waren zo bang dat ze 's avonds hun deuren sloten. Men geloofde dat daar een toveres aan het werk was.
In Houtkerke woonde een heks die haar boeken doorgaf aan haar schoondochter. Om zichzelf tegen toverij te beschermen, moest men een stukje van een gewijde kaars onder de dorpel steken. Daardoor kon de heks immers niet binnen.
Een zeventienjarig meisje was ziek geworden nadat ze bosbessen was gaan plukken. Op de heenweg was er een onweer geweest, waardoor de voeten van het meisje doorweekt waren. Daardoor had ze kou gevat. Toen het zieke meisje in haar bed lag, zag men in…
Als op een boerderij een koe was gestorven, dan geloofde men vaak dat de boerderij betoverd was. Toveressen lieten kaarsen branden om het kwaad naar iemand te sturen. Mensen die door de kwade hand waren geraakt, gingen naar de paters van Affligem,…
In Klemskerke stond een huis waar het spookte. Wanneer de mensen gingen slapen, hoorden ze geluiden alsof iemand aan het karnen was. Zodra de mensen opstonden, was er niets meer te horen. Vóór feestdagen brandden er altijd kaarsen op het dak van dat…
In Diest woonde een bakker die besloten had om zijn winkel te sluiten en in plaats daarvan voor heksenmeester te spelen. De man had een bidstoel in zijn kelder gezet en hij bezat een boek waarin hij begon te lezen wanneer iemand hem kwam raadplegen.…
Een vrouw had zich in de winter met een wit laken over het hoofd en een kaars in de hand achter een haag verstopt om de kinderen die terugkwamen van het lof, bang te maken. De vader van de kinderen sprak tot de grappenmaakster: "Ik heb je wel…