Vlak na de tweede wereldoorlog voer in Oostende een schip uit. De mannen waren nog maar net vertrokken of ze vonden een lijk dat op het water dreef. Het was een rijke heer die een gouden horlogeketting in zijn jas had en een kostbare ring aan zijn…
Als de paarden een lijk moesten vervoeren, dan moest men de dieren één dag van tevoren waarschuwen en ze bovendien twee suikerklontjes geven. Toen de paarden op een dag een witte lijkwagen moesten trekken, konden ze niet voorbij het Zwienlands…
In de gangen van de mergelgroeven gingen de mensen tijdens de oorlog schuilen. Op een dag trokken twee jezuïeten de berg in met een lange koord die ze aan een boompje buiten de groeve hadden vastgebonden. Een boer schaapherder maakte de koord…
Zes à acht dagen nadat een dode begraven was, kon men op het kerkhof in het donker een doodkeers zien. Dat was een licht dat ontstond uit de dampen die vrijkwamen bij de verrotting van het lijk.
Een rijke ongetrouwde vrijmetselaar uit Ieper ging nooit naar de kerk, tenzij iemand van zijn kennissen of familieleden werd begraven. Wanneer hij op zo'n gelegenheid in de kerk stond, bleef hij achteraan staan met gekruiste armen. Knielen deed hij…
Toen de Kont dood was, legde men hem op een kist in de huiskamer. Daarna werd er jenever gedronken en rond de kist gedanst. Omdat Bet bij het dansen per ongeluk tegen de dode had gestoten, vielen de gevouwde handen van het lijk langs het bed. De…
Toen in Kemmel een toveres was gestorven, konden de paarden haar lijk niet naar het kerkhof brengen. De kapelaan kwam de dieren overlezen tot hij helemaal bezweet was en sprak vervolgens: "Je moet de paarden achter de kar spannen". Zodra dat was…
In de molen van Lauw zat een zwarte kat die de mensen heel wat last berokkende. Zelfs nadat men de kat een keer met een ketting op het molenrad had vastgebonden, kwam het dier nog steeds terug. Op een dag kwam er een pastoor om de molen te zegenen.…
Enkele mannen gingen 's nachts vaak in de Maas vissen bij 'het verdronken mannetje'. Die plaats werd zo genoemd omdat men daar ooit een lijk had gevonden. Vóór middernacht moesten de mannen daar weg zijn, want anders verscheen er een spook dat de…
In Heisselt bij Jeuk woonde een weduwe die op onverklaarbare wijze zwanger was geraakt. Toen de weduwe moest bevallen, stelde de vroedvrouw vast dat het kind er allesbehalve normaal uitzag. Het was een zwart wezentje op vier poten, dat er voor de…
Wanneer er een lijk van Bossuit naar Heestert moest worden gebracht, zweetten de paarden verschrikkelijk. Dat gebeurde altijd wanneer een dode uit een andere gemeente moest worden opgehaald.
Een man die met een kar een lijk naar het kerkhof moest brengen, werd vergezeld door een heks die de hele tijd zong: "X, in schone grote gouden letters, X". X was de naam van haar zoon. Toen de mensen thuiskwamen lag X ziek in bed: hij had de pokken.
Twee boerenzonen reden 's avonds te paard naar Reningelst. In het Vrijbos werden de paarden plots onrustig omdat er een hoop bladeren op de weg lag. Eén van de broers steeg af en stelde vast dat er een lijk onder de bladeren lag. Het volgende…
Bij vochtig weer kon men vaak lichtgevende wormpjes zien. Dergelijke lichtjes zag men vaak op kerkhoven, omdat daar de gassen van de lijken opstegen. Soms vormden dergelijke lichtjes een bol.
Ten zuiden van de kerk van Beveren stond een kasteel waar twee broers woonden. Die twee broers gingen elk langs een andere ingang de kerk binnen. Op een nacht hielden de broers een groot feest met een heus drinkgelag. Die nacht is het kasteel in…
De bende van Bakelandt hield zich schuil in het Vrijbos. Op een dag pleegden de rovers een inbraak in een huis. Bakelandt stelde vast dat de paardenknecht niet huis was, maar dat zijn bed nog warm aanvoelde. De bendeleider vermoedde dat één van zijn…
In Kanegem stond een boerderij die helemaal omgeven was door water. Op een dag lag er een verdronken man in het water. De boer hing een kapelletje aan een boom op de plaats waar men het lijk had gevonden. Toen de knecht een tijdje later dronken…
In 1938 vond een man in een put het lijk van een heks die in 1913 was begraven. Omdat het lijk nog vrijwel ongeschonden was, heeft de man de dode heks onthoofd met zijn spade.
Toen men een lijk over een brug in Zuienkerke vervoerde, viel het lijk in het water. Omdat men het lijk nooit meer heeft weergevonden, werd die brug 'de Zielebrug' genoemd. Men heeft er een stenen brug van gemaakt.
Een slager uit Düsseldorf, die 'de man met de groene ogen' werd genoemd, had in zijn winkel een valluik. Als er een man of een vrouw alleen in de winkel stond, liet hij die persoon door het valluik in de kelder vallen, waar hij of zij werd gedood.…
Een man had een lijk dat opgebaard lag, uit het bed gehaald en in een hoek van de kamer gezet. Toen de andere mensen in de kamer kwamen, geloofden ze dat er een spook was.
In de onderaardse gang van het kasteel van Herkenrode ontmoetten de nonnen en de paters elkaar. Later heeft men in die gang talloze kinderlijkjes gevonden.
Wanneer er iemand was overleden, ging E. het lijk wassen en aankleden. Toen haar oom M. niet kon sterven, las E. een litanie, waarna de man onmiddellijk stierf.
Soms moest E. ook paarden of koeien gaan overlezen. Ze legde dan één hand op de kop…
Op de Galgeberg werden vroeger misdadigers opgehangen. De laatste persoon die men daar heeft opgehangen, was Boon-Pee. Toen zijn lijk nog aan de galg hing, was er een boer die in een nabijgelegen veld moest werken. Toen de man 's middags zat te…