Een schoolmeester werd ziek van angst toen hij op het kerkhof iemand zag zitten met een laken over zich heen. Het spook bleek de echtgenote van de man te zijn.
Vroeger gebeurde het vaak dat jonge kerels een kaars in een uitgeholde raap zetten, en die raap op een stok vastmaakten. Wanneer zo'n stok op de hoek van een straat werd gezet, geloofden de mensen vaak dat ze een stallicht zagen.
Iemand had gezien hoe een man een lijk van het strand had meegenomen en bij hem thuis had begraven. De man had de laarzen van de dode uitgetrokken en voor zichzelf gehouden. De persoon die dat had gezien, ging een tijdje later bij het huis van de…
Een jongen die terugkwam van de kermis, kwam een grapjas tegen, die zich met een laken over zijn hoofd als spook had verkleed. Toen de jongen de grapjas een draai om zijn oren gaf, liep het spook snel weg.
Waterduivels waren grapjassen die mekaar probeerden bang te maken. Zo gebeurde het dat een grapjas zich verborg onder een duiker om een voorbijganger bang te maken. Toen de voorbijganger aanstalten maakte om de waterduivel met zijn drietand te…
Een visser had tijdens een storm beloofd dat hij een grote kaars naar het kapelletje van Bredene zou brengen als hij veilig mocht thuiskomen. Toen de visser thuis was, besloot hij uit gierigheid toch maar een klein kaarsje te laten branden. Eén van…
Toveressen hingen soms ergens een belletje aan een koord, zodat ze vanop afstand aan het koordje konden trekken, waardoor de mensen bang waren voor het geluid dat uit de haag kwam.
In Tongeren wonen jonge mensen die nog steeds in hekserij geloven. Een protestantse man had zich bekeerd tot het katholicisme. Omdat zijn dochter door de zwarte hand was geraakt, deed de man haast niets anders dan bidden.
Iemand die 's avonds op…
Een man die op het Paumeshof woonde, ging 's avonds vaak met vrienden in Maaseik op café. Toen de man naar huis ging, hoorde hij in het veld kettingen rammelen. Even later sprong er iemand in zijn nek, die zich liet dragen. Het waren vrienden van…
Op schepen werden vroeger vaak grappen uitgehaald met de scheepsjongens die de bemanning van koffie en water moesten voorzien. Toen het donker was vroeg één van de bemanningsleden aan een scheepsjongen: "Ben je bang voor de Vliegende Hollander?"…
's Avonds liepen op het kerkhof soms mensen rond, die zich met een laken over hun hoofd als spook hadden verkleed. Op een dag sloeg een man één van de spoken met een knuppel neer.
Kludde was een man die zich verkleedde en kettingen bij zich droeg om de mensen bang te maken. Men maakte de kinderen ook vaak bang met verhalen over Kludde.
Op een boerderij werkten twee knechten, van wie de ene een echte luierik was. Op een ochtend verkleedde de andere knecht zich met een wit laken als spook en ging op de wilg staan, waarlangs de luie knecht naar zijn werk liep. In de overtuiging dat…
Sommige mannen verkleedden zich met een wit laken en een ketting als Kludde. Er waren mensen die onmiddellijk bang wegliepen wanneer ze de ketting hoorden rammelen, maar anderen lieten zich niet kennen. Het gebeurde wel eens dat een farçeur in de…
De echtgenote van een schoenmaker werd ervan verdacht een toveres te zijn. Een man die tussen drie en vier uur 's ochtends terugkwam van zijn werk, had de toveres met een wit laken op haar hoofd bij de kapel zien zitten.
Vroeger ging men in de hagen vaak uitgeholde bieten met kaarsen zetten, opdat voorbijgangers zouden denken dat ze een stallicht zagen. Men geloofde dat stallichten de zielen van ongedoopte kinderen waren.
Enkele mannen die in een herberg zaten, vertelden verhalen over de weerwolf. In het kader van een weddenschap moest één van de mannen naar het café voorbij de spoorweg lopen, om daar als bewijs van zijn aanwezigheid een briefje te laten tekenen. Een…