Om een weddenschap te winnen, moest iemand op het kerkhof een been gaan halen. De dappere liep doodsbang weg voor zijn twee vrienden die op het kerkhof voor spook speelden.
Een boer die een knecht wilde bang maken, had een man op een boomstronk laten plaatsnemen en aan diens hand een lange ijzerdraad vastgemaakt. Toen de knecht van op een afstand stond toe te kijken, trok de boer aan de draad, zodat het 'spook' bewoog…
Enkele vrienden uit Koninksem hadden een weddenschap gesloten. Ze daagden de hoeveknecht uit om 's nachts tussen twaalf en één uur naar een plaats te gaan, waarover werd verteld dat er een weerwolf ronddwaalde. Zodra de knecht was vertrokken,…
De alvermannetjes hielpen de mensen met hun werk in ruil voor wat voedsel. Een man die de dwergjes een poets wilde bakken, legde in de plaats van voedsel een lap leer klaar en verstopte zich om de alvermannetjes te bespieden. "Dat is toch maar…
In Diepenbeek woonde een vrouw met de naam Brien S. Toen de vrouw oud begon te worden, wilde ze dat haar onwettige zoon Hermes zelf in zijn levensonderhoud zou voorzien. De vrouw bezorgde de jongen werk bij een molenaar in de buurt. Hermes had…
In een weide of een broek zag men vroeger vaak lichtjes. Jongemannen die gedronken hadden, zeiden vaak gekscherend: "Kom, we gaan eens naar de vuurman kijken".
In Vlamertinge woonde een man met zijn moeder en zijn zesjarig zoontje in een klein huisje. Wanneer de bewoners van dat huisje gingen slapen, hoorden ze altijd een geklop. Mensen van Elverdinge en van Beselare kwamen speciaal naar dat huisje om naar…
Toen Uilenspiegel bij een bakker in de leer was, moest hij in het maanlicht het meel zeven. De volgende ochtend zag de bakker nergens meel en vroeg: "Wel, waar is dat meel nu?" Daarop wees Uilenspiegel naar buiten, waar het meel op de grond lag, en…
In het huis waar later K. is komen wonen, werkten twee knechten. Naar jaarlijkse gewoonte werd er ter gelegenheid van Driekoningen een koning gekozen, die aan zijn vrienden een fles jenever moest geven. De koejongen van de hoeve werd uitgedaagd om…
Een verkoper wandelde om middernacht op 'Hoese-Kassei' tussen Odeur en Rutten. Hij had een zwarte hen bij zich, die hij voor veel geld aan de duivel wilde verkopen. De duivel verscheen dan altijd op een kar met twee honden.
Toen de man op een…
Een knecht uit Widooie vertelde verschrikt aan zijn vriend dat hij een spook had gezien. Zijn vriend lachte en zei: "Och, dat kan toch helemaal niet! Spoken bestaan niet!" De vriend besloot echter zelf een keer voor spook te spelen. Toen een…
Een man die op Oudejaarsavond een fles drank was gaan kopen, werd op de terugweg besprongen door iemand die een laken over zich heen had getrokken. De man sloeg zijn belager neer met de fles die hij had gekocht. De volgende dag ontdekte de man dat…
Op een boerderij werkte een meid die niet in heksen of spoken geloofde. Om de meid bang te maken, had één van de knechten een wit laken over zich heen gehangen. De meid was doodsbang toen er een spook op haar afkwam en haar vastgreep.
Een grafdelver liep bij schemerdonker altijd met een wit laken over het kerkhof om de mensen bang te maken. Op een dag had een man de moed om het spook met een ketting af te ranselen. Sindsdien spookte het niet meer op het kerkhof.
Een man die nergens bang voor was, werd het slachtoffer van een grap. Toen de man voorbij een waterput wandelde, trok een grapjas stiekem een ketting uit de put. De man geloofde dat hij de waterduivel had gehoord en durfde haast niet meer te bewegen.
Op de hoeve van G. in Vrijhern zat de boer met enkele vrienden te wachten tot de merrie haar veulen zou werpen. Ondertussen speelden ze met de kaarten en dronken ze jenever. Toen de jenever op was, daagde de boer zijn knecht uit om in…
Uilenspiegel ging samen met zijn vader met paard en kar naar het veld. Uilenspiegel, die vooraan op het paard zat, stak naar iedereen zijn tong uit. Toen de mensen dat aan zijn vader zeiden, liet de vader aan iedereen zijn achterwerk zien.
In Utkerke (Blankenberge) woonde een schoft die niet te vertrouwen was. De man had een tijdje als visser gewerkt, maar niemand kon op hem rekenen. Daarna ging de man bij een loodgieter werken. Toen de loodgieter een middagdutje deed, goot de man…
Bij een boer werkte een knecht die zo goed kon maaien dat hij het werk van drie knechten in dezelfde tijd verrichte. De andere knechten waren jaloers en besloten een grap uit te halen met de sterke knecht. Ze staken een bol staalwol tussen het…
In 1899 kreeg de vrederechter van Poperinge een decoratie van Leopold II. Toen koning aan de man vroeg: "Wie ben jij?", antwoordde de vrederechter: "Ik ben van Poperinge". De koning gaf toe dat hij daar nog nooit was geweest, waarop één van de…
Een man uit Pepingen ging 's avonds naar Kestergat. Onderweg werd de man opgeschrikt door een grapjas die zich met een wit laken en een ketting als spook had verkleed.
Enkele mannen geloofden dat ze in de verte de vuurman zagen. Toen één van de mannen zei: "Kom, we gaan eens kijken wat dat is", trok het hele gezelschap het veld in. Wat verderop stonden enkele holle eiken waarin gedroogd onkruid zat, dat iemand…
Bij de Klokkeput spookte het. Iedere maandag en woensdag kwam daar een spook zingen: "Maandag, dinsdag, woensdag,..." Wanneer voorbijgangers voor de grap de dagen van de week door elkaar haalden en bijvoorbeeld zeiden: "Woensdag, dinsdag,…